6

Ruzie, ruzie, ruzie….

Wij hadden vandaag ruzie. Ruzie op ruzie op ruzie op ruzie. Iets wat ik niet graag deel. Want ik vind niet dat je al je vuile was buiten moet hangen. Toch deel ik het. Want ik wil graag een zo reëel mogelijk beeld weergeven van het geen ons proces met gemeente en andere partijen kan veroorzaken. De laatste tijd is het niet altijd meer leuk hier in huis. Er is teveel ruzie. Teveel stress. Er zijn teveel zorgen en er is teveel zorg. Onze hoofden zitten vol. De rek is er uit.

Ja we zijn de goedlachse Franke en Debbie. En nog steeds halen we veel plezier en genot uit de kleine dingen des levens. We houden van elkaar. Van ons gezin. En zijn er onvoorwaardelijk voor hen. Maar ook Franke en Debbie hebben hun grenzen. Ook Franke en Debbie kunnen kapot. Niet zozeer gelijk als koppel, maar wel als personen. 

En dat komt echt niet enkel door een beetje knokken met de gemeente. Maar dat komt door de vele heftige shit die sinds 2013 op ons pad gekomen is. En dan is de fut er een keer uit. De koek op. De druppel die de emmer doet overlopen. En dat was vandaag. En toen mijn man mij smste met de tekst,

“Ik wil scheiden, en dood, dan worden jullie met alles geholpen en is er geen probleem meer.”

toen werd ik boos.

Dat zijn geen uitspraken. Daar word ik pissig om. Pissig omdat niet twee van ons zo mogen denken. Want er moet er één gewoon sterk zijn. 

Maar ik snapte hem wel een beetje. 

Vandaag was de derde en laatste poging om de beleidsmedewerkers van de gemeente te overtuigen van het feit waarom ze ons de eigen bijdrage van circa 250 euro per vier weken kwijt zouden moeten schelden. Maar helaas…poging gefaald. Ze zien er geen reden toe. Want ze vinden niet dat het verbouwen van de zolder noodzaak heeft om in deze woning te kunnen wonen met ons gezin. 

En weet je? Wij hebben na talloze gesprekken, uitleg via mail, etc etc ook gewoon geen puf meer om het uit te leggen. 

Dus we leggen ons erbij neer. Straks…als ik ergens boven mijn pensioen leeftijd zit. Dan zijn wij hopelijk net schuldenvrij. Dan hebben we enorm veel geld betaald voor comfort voor Vido en natuurljk ook onszelf. Wat ook best absurd is…eigenlijk heel erg absurd. Maar ik denk dat ik bij de fase ben gekomen van “fuck it all!!”. Geen idee hoe de toekomst zal verlopen. Maar dat ik de beste zorg voor Vido wil en rust en ontspanning voor onze overige kinderen staat boven alles. Ik ga ze niet in kleine hokjes stoppen waar nog geen kledingkast naast een bed past. Het is niet hun schuld allemaal. Hun hebben hier niet om gevraagd. 

Dus die zolder die moet gewoon verbouwd worden. Punt. Het huis is gewoon uniek. Punt. Dat wij daar gaan wonen? Punt! En dat gaan we gewoon levend en getrouwd doen. Want ik ben het zat. Ik ben mijn gezeik zat. Het gezeik van de gemeente. Het gezeik van mijn man. Al het gezeik. Helemaal zat. 

Ik wil verhuizen. Naar dat super huisje in Hooglanderveen. Ik wil wakker worden en zien dat Vido zichzelf kan verplaatsen en niet meer afhankelijk is van ons. Hem goed kunnen verzorgen zonder dat zowel hij of wij er last van hebben. 

Al dit gedoe ben ik klaar mee. Het is ook niet alsof ons een feestje staat te wachten. Verhuizen is een crime. Al dat klussen 😰, spullen inpakken, verhuizen, alles weer inruimen, etc etc. Het verlaten van je vertrouwde omgeving. Al die duizenden euro’s die het opknappen van de woning gaat kosten. De onrust. Stress. En angst…veel angst. Want natuurljk zouden we hier het liefst willen blijven wonen. We wonen hier fijn. Fijne buren, fijne buurt, tegenover school, en de hand van mijn vader die we dagelijks terug zien in dit huis.

Maar goed…2017…..we zijn wie we nu zijn. Vele hobbels en dalen verder. En nu de grote vraag hoe we het allemaal gaan doen. 

We gaan geen bezwaar meer aantekenen. Dan kunnen we ook onze scheidingspapieren aanvragen. Want dat overleven we echt niet meer. 

Behalve de “nee” op de eigen bijdrage van de gemeente hebben we wel een “ja” gekregen op de aanbouw. En het pve klopt BIJNA! Nog even de airco/climat control er terug in krijgen. Onze eigen bijdrage vragen voor de upgrade naar hangend toilet ipv staande pot (ja het bestaat nog). Vragen waarom de deur naar de woonkamer niet breder wordt gemaakt (terwijl de voordeur wel toegankelijk gemaakt wordt). En verder nog wat duidelijke afspraken maken. 

En naast ons huis komt een carport, met lichtkoepel. En genoeg ruimte voor de bakfiets, driewieler en wat dan ook. Eerlijk is eerlijk…het ziet er echt goed uit. En dat is dan ook het enige lichtpunt van de dag. Als er gaat komen wat ze zeggen dat er komt…dan wordt het mooi. 

Maar toch…mag ik het nog één keer zeggen,…..?

Toch voelt het heel erg krom dat we straks in dikke schulden zitten voor dit alles. En dat ons hele gezin dat gaat voelen. 

2

Niet over rozen.

Ooit, heel veel jaar geleden ben ik opgenomen geweest op de psychiatrische afdeling van het ziekenhuis. Ik was nog jong. Mijn belevingswereld kwam totaal niet overeen met die van alle mensen om mij heen. Ik werd niet begrepen en kon werkelijk geen dag mezelf zijn. Ik wist op een gegeven moment echt niet meer wie ik was of wat ik voelde en was de wanhoop nabij. Toen ik na een zware paniekaanval met hyperventilatie in het ziekenhuis kwam te liggen wist ik dat ik echt aan de slag moest. Dit kon niet langer zo. Mijn ouders begrepen er niets van en mijn vader dacht dat het kwam omdat ik zo gepest was geweest vanwege mijn overgewicht. Maar niemand had ook maar één clue. Er was best veel gebeurd in mijn leven en het bericht dat mijn biologische vader iemand anders was dan de man die altijd mijn vader was geweest bracht enkel nog meer verwarring. Mijn opname was intens. Maar ook zo opluchtend. Wat was het fijn om mezelf te kunnen zijn. En om met mensen te praten die mij het gevoel gaven mij te begrijpen. Natuurlijk zag ik wel dat de mensen die mij bezochten het heel anders ervoeren en het gevoel hadden dat ik totaal de weg kwijt was. Maar ik was gewoon eindelijk eens mezelf. En zo hadden weinig mensen mij nog maar gezien. Na mijn opname volgde 9 maanden dagtherapie. Drie dagen in de week de hele dag therapeuten en therapieën. Intensief, maar wel nodig. Die therapie is de basis van mijn leven geworden. Diverse diagnoses werden mij gegeven. Manisch depressief, bipolair, borderline, en als laatste chronisch depressief. Medicijnen van Prozac tot lithium en van lithium naar amytriptiline, naar xanax.
Ik heb hoogtepunten gekend maar mijn dieptepunten waren er vaker en intenser.
Het is geen geheim dat ik de laatste tijd aan het vechten ben met mijn geestelijke gezondheid. Dat ik hulp zoek maar nog niet heb gevonden. 
Maar wie ik ben weet ik inmiddels wel. Waar ik wil komen ook. Mijn gezin is iedere dag mijn spiegel. En onze strijd om voor Vido het beste te willen is iedere dag. En niet alleen voor Vido maar ook voor een ieder ander in ons gezin. Waar dit voorheen vanzelfsprekend ging en ik net als iedere andere ouder trots was op bepaalde dingen of gefrustreerd over andere dingen is dat nu totaal anders geworden. Alles ligt onder een loep. 
Vandaag moest ik veel denken aan mijn therapie, mijn basis. Want door die loep ben ik mezelf eigenlijk aardig kwijt geraakt. Steeds maar weer naar mijn gezin kijken en mezelf vergeten. En ondertussen voel ik steeds meer afscherming komen. Het minder toelaten van het geen mij echt diep van binnen raakt. Mijn vertrouwen in mensen kwijt raken en steeds verder in mijn schulp kruipen. 
“Doorndebbie snoeit haar rozenstruiken.” was ooit het doel van mijn therapie. 
Mijn rozenstruiken groeien hard inmiddels. Hun leven gevoed dood mijn tranen.

En dat moet stoppen.
Dus voorzichtig aan maar weer op zoek naar die heggenschaar. Want pas als die rozenstruiken weer helemaal gesnoeid zijn kan ik mijn weg naar geluk weer vinden.

1

Zorgeloos Pinkpop

Al een tijd geleden besloot ik met Noah, haar oma, tante en nichtje om mee te gaan naar Pinkpop. Wel alleen op Zaterdag want dan kwam Justin Bieber. Noah en ik zijn schaamteloze beliebers dus hem een keer in het echt zien zou top zijn. 

Echter liep hier in huis de spanning steeds meer op betreft het andere huis en de gemeente. En het werd hier ook steeds minder gezellig. De spanning zoog me aardig leeg en beetje bij beetje kon ik steeds minder hebben. Waar ik eerst nog heel erg uit keek naar Pinkpop begon ik er nou steeds meer tegenop te zien. Mijn energieniveau was zo laag. En van overmaat tot ramp kreeg ik er ook nog een beginnende longontsteking bij en zag het er naar uit dat ik gedwongen thuis moest blijven. Ik stelde mijn besluit wel of niet te gaan uit tot het laatste moment en hakte de avond voor Pinkpop net voor het slapen gaan de knoop door. Mits ik de volgende dag niet zieker was geworden zou ik gaan. 

Franke en de kleintjes zouden ons naar Sleeuwijk brengen en van daaruit zouden we met de rest naar Landgraaf gaan en Franke weer terug naar huis. Ik zou dan met Noah in Sleeuwijk blijven slapen en de volgende dag zou Franke ons weer komen halen. Als een BERG zag ik er tegenop. Zeker nu de spanningen nog hoger waren opgelopen met de gemeente en we op Donderdag te horen kregen dat we een ander contactpersoon toegewezen hadden gekregen en we daar Dinsdagochtend 9:00 uur een “keukentafelgesprek” mee zouden hebben. Alles in mijn hoofd draaide daar om en ik was één grote bonk zenuwen. 

Zaterdagochtend voelde ik me echt beroerd. Ik nam mijn medicijnen en wat extra pijnstilling en besloot me neer te leggen bij mijn rotgevoel en er het beste van te maken. Met je dochter naar Pinkpop en ook nog eens Justin Bieber zien is natuurlijk een once in a lifetime experience.

Franke zette ons af en een lange reis naar landgraaf volgde. Files, een idioot lange wandeling van parkeerplaats naar Pinkpop terrein, met duizenden mensen druppelsgewijs naar binnen komen, lange rijen voor consumptiebonnen, en nog langere rijen voor een simpel frietje. Maar…niet zeuren Deb dacht ik. En dat hield ik ook best vol. “Even” naar het toilet gaan was er niet bij. De rijen om in de super attractie van de Efteling te mogen waren er niets bij. Die Boels toiletten zouden toch bijna moeten voelen als een magische ervaring.

Wijn halen moest je een km voor lopen en de twee procent biertjes van de biertent zorgde voor verfrissing (en nog meer plassen) maar niet voor het stukje verdoving waar ik echt even naar op zoek was. Verdoving, vergeten, rust, plezier. En het niet geheel zonnige gedrag van twee chagrijnige 16 jarige ook niet. Maar…niet zeuren. En vooral ook mijn dochter stimuleren niet zo te zaniken. Zoveel ellende in de wereld en wij kunnen en mogen dit meemaken. 

En godzijdank… Toen we een plekje op het veld hadden bemachtigd begonnen er langzaam wat mondhoeken omhoog te gaan ipv naar beneden hangend. En toen was daar muziek… En muziek verbroedert, muziek raakt je in het diepste van je ziel, muziek ontspant, en in dit geval…muziek maakte blij. Die bas voelen in je buik, de passie van een band af zien springen, het genot van muziek maken in hun ogen zien is zo een groot cadeau. Zingen met passie. En ik genoot..ik genoot intens. Van die twee meiden die voor ons stonden te springen, mee te zingen, even hun ontevredenheid los konden laten. Ik genoot van mijn bijna 70 jarige schoonmoeder die dit toch maar even doet met haar dochter, kleindochters en mij als ex schoondochter. Dat is toch vreselijk bijzonder. Hier stonden wij met zijn 5en op een veld gewoon geschiedenis te maken. 

En vanaf dat moment was het goed…

We hebben gedanst in de regen, ik ben nat geregend tot mijn onderbroek aan toe, ik heb mijn dochter stiekem bier gegeven, we hebben staan springen en gek doen, en creëerde momenten voor het leven.

Maar nooit…echt nooit meer zal ik het moment vergeten dat Noah en ik Justin Bieber samen voor het eerst zagen. Dat magische moment vergeet ik nooit meer. Zelfs als ik er over schrijf krijg ik nog kippenvel. 

Alles werd enkel mooier en mooier….

En als afsluiter samen springen op Martin Garrix! Oh my god zo vet! Ik heb staan dansen als een klein meisje. Zag er waarschijnlijk niet uit, maar ik genoot. 

Daarna die vreselijke weg weer terug naar de auto. Maar in extase loop je dit toch anders dan de eerste keer. Vervolgens meer dan 30 minuten zoeken naar onze auto en de verlossende woorden van Kim horen, “Dit is hem volgens mij…jaaaa dit is de auto!!” 😂 Zo blij waren we. Alle natte kleding uit, vieze schoenen uit en onder dekentjes met de verwarming aan in de auto kruipen. De weg kwijt, tien keer dezelfde rotonde, plassen naast de auto en pas rond kwart voor vijf thuis. But it was all worth it!!

In een soort van roes in slaap vallen, alleen in een twee persoons bed en 4 uur later klaarwakker worden in diezelfde roes. Beneden nog stil dus nog even lekker blijven liggen en genieten van het niets hoeven doen. Niemand die mij nodig had. Sms’en met het thuisfront, snapchatten met mijn zus, en verder niets. De mooie gordijntjes die wapperde door de wind die door de open ramen naar binnen kwam. Totale rust. En toen ik stemmen beneden hoorde genoot ik eerst even van de gesprekken tussen grootouders en hun kleindochters en ging ik even later ook naar beneden. Heerlijk vertrouwd zoals het daar altijd is. Het geeft me altijd zo een compleet gevoel als ik bij Theo en Tiny ben. Alsof ik weer twee ouders heb en ik weer kind kan zijn. 

Tiny maakte een heerlijk ontbijtje en mijn zijn allen picknickte we aan de salontafel. En ik miste mijn mannen en kleine meisje echt wel hoor. En voelde me schuldig dat ik hier geen vragende kinderstemmetjes had. Maar toen ik het bad ging vullen. Het bad waar ik Zaterdag al een afspraak voor Zondag mee had gemaakt. Toen liet ik thuis ook even los. Een uur lang heerlijk genoten. Mijn spieren kwamen zo tot rust. Ik voelde de pijn en spanning uit mijn lijf verdwijnen. Zo lang geleden dat ik hiervan mocht genieten. 

Niet veel later weer herenigd met mijn hele gezin en dat was fijn. Weer even met zijn allen bij Theo en Tiny zijn en genieten van hun warmte en gastvrijheid. Lekker frietjes eten van Grand Cafetaria Ici en lekker koude witte wijn drinken. En ’s avonds lekker rozig richting huis nog nagenietend van al het fijne. Alles thuis op bed en nog even napraten en vervolgens ook in slaap vallen op de bank om daarna moe en kapot naar zolder richting bed te gaan.  Zo voldaan.

En toen was daar de Maandag. Ik werd wakker. Niets aan de hand. Ging naar het toilet, keek naar de kalender en poef…weg veilige bubbel. Ineens al die spanning er weer volledig. Dinsdag 6 Juni, 9:00 uur afspraak gemeente. Wat een Kutzooi. En door afgelopen weekend werd ik weer even terug gegooid naar de periode dat we deze zorgen niet hadden. Dat het avondeten onze grootste zorgen waren. Want wat moeten we nou weer eten. Hoe fijn was dat. Ik ben zo op…voel me echt zo oud geworden. Zo ongezond vol stress, dikke rimpels en wallen rijker, grijze kop met haar, dik lijf, oude kleren, gewoon zo alles wat ik niet wil zijn. 

Ik zou willen dat het altijd Pinkpop weekend 2017 kon zijn. Waar ik eerst zo tegenop zag werd een weekend waarin ik enorm heb genoten van mijn gezin en een stukje geweldige familie. Maar vooral een weekend waarin ik zorgeloos was. 

1

Het zuigt me leeg.

Ik zit er vandaag even helemaal doorheen. Ik heb een beginnende longontsteking, mijn energieniveau is bizar laag, en mijn zorgen en frustraties bizar hoog. Ik voel van alles tegelijkertijd. Boosheid, frustraties, verdriet, maar vooral wanhoop.

Het huizen gedoe blijft maar voortzetten en ik voel steeds meer weerstand. Maar ik voel me ook onbegrepen en ongehoord. Alsof we tegen een stel dovemansoren praten. En het maakt niet uit of dat nou de onderste tak van de gemeente is of de bovenste tak. Bij allen zie ik “horen, zien en zwijgen” aapjes voor me.

Onze mail naar de wethouder heeft niets opgeleverd. Althans, geen vooruitgang. Het zorgde ervoor dat zij de mail doorstuurde naar iemand die er meer verstand van zou moeten hebben. En die iemand belde vandaag en zei zelf dat ze er helemaal zo een verstand niet van had. Of we niet beter met iemand van de wmo konden gaan praten. Nou, door de wmo en hun onbegrip zijn we juist bij u uitgekomen beste mevrouw.

Ik heb zelf het gesprek niet gevoerd, ze had Franke aan de telefoon. Maar zijn verslag naar mij toe deed mijn bloed al koken. En waar ik normaal gesproken al mijn boosheid om kan zetten in energie gebeurde er nou niets. Ik lag op de bank, had het gevoel in foetus houding te willen liggen en viel verdrietig in slaap. Om half vier ’s middags. Daarna moest ik aan mijn schoonmoeder denken die gisteren vol energie in de woonkamer haar ideeën opperde om vervolgstappen te ondernemen. Ik reageerde wellicht niet heel vriendelijk op haar, maar haar energie en enthousiasme komen zo niet overheen met hoe wij ons voelen. En dat komt echt niet alleen door de paar maanden dat we hier nou mee bezig zijn. Maar met veel meer andere zaken. Waren we hier met 100% kracht ingestapt dan waren we op dit punt nog lang niet moe gestreden. Maar dat is natuurlijk helemaal niet aan de orde. We waren al moe. En verdrietig. En nog veel meer dan dat. We hebben voor deze strijd begon al zoveel strijd geleverd. En…het is gewoon FUCKING IDIOOT dat je voor het welzijn van je al zieke/gehandicapte kind STEEDS WEER zoveel strijd aan moet gaan.

De simpelste dingen, kilometervergoeding voor revalidatie, aanvraag van noodzakelijheden zoals een douche/toiletstoel, rolstoel, rolstoelbakfiets, driewieler, loopondersteuning, zelfs medicatie. Er verloopt bijna nooit iets soepel. Iedere maand wel weer is er iets waar je achteraan moet gaan. Het is werkelijk letterlijk en figuurlijk doodvermoeiend. En daar zijn nou school bij gekomen, een eventuele woning, gezondheidszorgen. 

Van de week hadden we het over de keuze. De keuze die wij kregen over het wel of niet voortzetten van de zwangerschap. Een keuze tussen leven of dood voor Vido. Nog altijd staan we volledig achter onze keuze. Nog altijd zullen wij ouders die voor dezelfde keuze staan adviseren een zwangerschap voort te zetten. Maar nu (pas) drie jaar verder moeten we ook eerlijk zeggen dat het behoorlijk wat van je vergt. Maar je gaat iemand toch niet adviseren een zwangerschap af te breken omdat de gezondheidszorg soms te wensen over laat of omdat de wet maatschappelijke ondersteuning veelal gewoon zuigt. 

En ja het kan altijd erger…maar een ieder draagt wat hij dragen kan en we kunnen onszelf niet vergelijken met anderen. Iedere situatie en iedere persoon is uniek. Jij bent mij niet en ik ben jou niet.

Maar terugkomend op ons huis verhaal. Het komt er eigenlijk op neer dat we terug bij af zijn. 

Kwijtschelding van de eigen bijdrage kunnen we wel op ons buik schrijven. We kunnen onze “unieke” situatie voorleggen bij Stadsring 51, wat we ook gaan doen, maar opleveren zal het waarschijnlijk niets. 

Oh en of we wel wisten dat er in Amersfoort mensen waren die wel 20 jaar moesten wachten om in dergelijke woning te mogen wonen. Waarop Franke reageerde met , “Maar ik wil er helemaal niet wonen. Ik zou liever blijven wonen waar ik nu woon. Ik had liever gezien dat Vido gezond was geweest en we helemaal niet hoefde te verhuizen.” 

En de wmo zou zogenaamd op een akkoord van ons zitten te wachten? Akkoord op wat? Op een plan dat niet concreet is? Waarvan nog de vraag is unit of aanbouw? Waar nog een veel te kleine slaapkamer in staat? Een bergruimte ervoor zorgt dat we met onze fietsen niet meer voor ons huis kunnen komen? Akkoord my ass. En als je al een akkoord zou willen moet je dat wellicht gewoon letterijk vragen.

Tja onze WMO consulente was toch wel wat verbaasd over onze stap. Maar hoe kun je eigenlijk verbaasd zijn als je het verhaal terug leest? Als je leest dat je wellicht inderdaad niet zo goed luistert naar de partij waarom het draait maar meer bezig bent met het zo goedkoop mogelijk een niet passende oplossing leveren.

De volgende stap? Een gesprek met wellicht iemand anders van de wmo. Er zou nog een terugkoppeling komen. Ik heb er geen trek in. Echt niet. Ik weet dat we naar deze woning moeten verhuizen. Ik ben verliefd op dit huis. Maar ik wil gewoon niet meer. Ik wil niet meer moeilijk. Ik wil niet weer moeten verdedigen. Moeten strijden. Ons verhaal vertellen. Dubbeltjes omdraaien. Mijn strijdlust is (even) weg. Ik kan en wil niemand onder ogen zien. Ik wil gewoon iemand die het begrijpt. Die ziet dat dit verhaal zo snel mogelijk een positief eind moet krijgen. Dat het nergens op slaat dat wij inmiddels onze zoon op de eettafel katheteriseren, dat onze auto opslag is voor zijn rolstoel en rollator, dat zijn fysieke toestand verslechterd doordat de ruimte voor hem beperkt is. Dat we hier in huis zo enorm veel spanning hebben om deze situatie dat het gewoon niet leuk meer is. 

Want wanneer gaan we verhuizen? Een vraag die dagelijks voorbij komt. Welke kamer krijg ik? Passen mijn spullen wel? Passen onze spullen wel? Kunnen we nog op onze geplande vakantie? 

Jongens, we hebben geen idee. Weten jullie wel dat er mensen in Amersfoort zijn die 20 jaar moeten wachten op zo een woning? Wees geduldig! 😐

#wmo #amersfoort #gemeenteamersfoort #spinabifida #wmoamersfoort #aangepastewoning

And the story goes on….

Het was een intense dag. Maar met resultaat. Onze hoofden samen steken zorgde voor een duidelijk verhaal. Morgenochtend de juiste mail opstellen en opsturen naar de wethouder.
Waarom?
Omdat we gisteren om 16:50 een mail ontvingen van de senior consulent van de WMO. Vervanger van onze WMO consulente die momenteel op vakantie is.
Hij stuurde een mail door die onze WMO consulente vorige week Woensdag al had opgesteld. Of hij nou vergeten was om de mail in nieuwe opstelling te sturen of bewust doorstuurde weten we niet. Maar feit is dat wij hier een week in afwachting zaten op een telefoontje oid mbt een afspraak met nog een aannemer. Nog op antwoorden zaten te wachten op vragen die wij neer hadden gelegd voor de woningbouw, en maar niets hoorde. Terwijl zij al bouwtekeningen, etc, in bezit had en ons dus moedwillig buiten heeft gesloten. 
Wij kregen gisteren een programma van eisen onder ogen wat echt niet klopte met het pve dat onze ergo had opgesteld. (Een programma van eisen is een document waarin staat wat de afmetingen zijn van de benodigde ruimtes. Welke aanpassingen er moeten komen etc.) Bouwtekeningen die door een vier jarige gemaakt zouden kunnen zijn. Optie voor een berging voor de bakfiets en Vido zijn fiets die ervoor zorgen dat de bakfiets en driewieler droog en wel staan en we er alle kanten mee op kunnen. Maar de overige gezinsleden moeten hun fiets en de scooter maar over het dak heen gooien om ermee weg te kunnen. 
Tevens wordt er nog steeds gesproken over een unit ipv aanbouw en is het schandelijk te noemen hoe wij ineens buiten gesloten worden in iets waarvoor wij volgens “hun” in totaal wel €30.000 eigen bijdrage mogen gaan betalen over tien jaar. 
We zijn verdrietig, boos, teleurgesteld. Want wij zitten zo niet in elkaar. Wij vinden het vervelend dat een woningbouw door ons zoveel moeten gaan verbouwen aan een woning die ze normaal in de verkoop hadden gegooid. Wij vinden het vervelend dat er zoveel geld door de gemeente uitgegeven gaat moeten worden voor de zorg van onze zoon. Wij vinden het vervelend voor iedereen die ons helpt, bij staat, energie of geld aan ons kwijt zijn. Want zo zijn wij. Wij voelen ons gewoon snel bezwaard. Wij hebben amper haar op onze tanden. En wij durven niet gelijk volop de strijd aan. 

Maar ook bij ons is de maat eens vol. En dat mailtje dat al klaar stond…dat was de druppel. Waar is dan je menselijkheid? Wij hebben hier ruzies, slapeloze nachten, spanningsbogen die nog nooit zo gespannen stonden. En echt ons gezin lijdt onder deze situatie. En mevrouw bedenkt zich nog even snel voor ze twee weken op vakantie gaat dat ze nog een mailtje klaar moet zetten. En haar vervanger, senior consulent, gooit dat mailtje er nog even 10 minuten voor zijn werkdag is afgelopen uit. En sluit af met de boodschap dat hij er pas dinsdag weer is voor vragen. Oh en woensdag is Els er weer. Met andere woorden, aan mij heb je geen reet.
Nou hopelijk is de wethouder niet op vakantie en leest zij onze mail/brief voor die tijd! 
En nu slapen. Al dit gedoe kost al genoeg energie. 

Het voelt in ieder geval wel als hele opluchting het eens even allemaal uit ons systeem geschreven te hebben. 

Woning en WMO perikelen. 

Ik ga toch eens proberen uit te leggen hoe we er inmiddels huis technisch gezien voor staan. Want ik snap dat er best wat mensen meeleven die nieuwsgierig en belangstellend zijn en die krijgen ineens een soort van radiostilte. 
Nou vorige week Vrijdag kreeg Franke een mail van de WMO consulente dat ze een bespreking hadden gehad. 

Ze omschreef even kort wat er besproken was en vroeg of ze die dag nog kon bellen. 

Tijdens de bespreking is gesproken over kwijtschelding van de eigen bijdrage van bijna 250 euro per maand voor een aanbouw of unit.
Daarvoor zouden we naar een soort van stadsbank moeten in Amersfoort (stadsring 51) en hun inzage moeten geven in onze financiën om vervolgens voor bijzondere bijstand in aanmerking te komen.

Dit antwoord geeft dus precies weer waar wij al bang voor waren. Er wordt niet naar ons geluisterd. Er wordt niet meegedacht. En er wordt niet begrepen dat wij vanuit onze kant echt bereid zijn een grote stap te willen maken om deze situatie tot een goed eind te laten komen.
De gemeente heeft de verplichting een geschikte woning voor ons hele gezin te vinden. Zowel gemeente als woningbouw hebben al meerdere malen aangegeven dat dit door de grootte van ons gezin bijna een mission impossible is. 
Wat is er dan mooier dan een gezin treffen die bereid zijn duizenden euro’s te lenen en te investeren om een huurwoning zo aan te passen dat ze er met hun hele gezin kunnen wonen? Enige wat daar tegenover staat is een WMO die hun de eigen bijdrage die ze MOGEN vragen kwijtschelden. Want 250 euro per vier weken voor de eigen bijdrage en 200 per maand voor de aflossing valt voor ons gewoon niet op te brengen. We zitten zo waarschijnlijk al met een huur van dik 700 euro. De rest nog niet eens meegerekend. 
Waarom niet win/win denken en zoiets hebben van…prima…deze mensen denken mee, zijn bereid zelf te investeren en dit probleem op te lossen. We schelden dit kwijt. En we zijn ook nog bereid iets te ondertekenen waarin staat dat wij er de komende 10 jaar nog wel blijven wonen. 
Maar nee. Allemaal te moeilijk.
In de mail staat dat ze het programma van eisen gaan aanpassen en Vido een grotere slaapkamer krijgt en tevens verzorging in de badkamer mogelijk moet worden.
Echter aan de telefoon viel dit toch weer tegen. De slaapkamer iets groter want dan kunnen ook zijn hulpmiddelen er staan. En dan hebben we het over 12 vierkante meter. Geen extra opslag voor zijn hulpmiddelen omdat ze verwacht dat deze in de toekomst minder zullen worden. Nou ik weet niet op welke planeet mevrouw versteegh woont maar het zal eerder meer dan minder worden. En 12 vierkante meter 😐. En dat is dan voor de rest van zijn thuiswonende leven. 
Ook stond er heel veelbelovend ik dat ze met de alliantie gingen overleggen of de schuur verplaatst zou kunnen worden. Bijvoorbeeld naar achter de unit (over een aanbouw werd al niet meer gesproken) omdat de doorgang naar de tuin niet ideaal is. En we hebben natuurljk ook nog onze rolstoelbakfiets die noodzakelijk is en dagelijks gebruikt gaat worden zodra Vido op school zit. 
Maar helaas, aan de telefoon werd al snel gezegd dat dit bijna zeker weten niet door zou gaan want daar zou de woningbouw toch niet mee akkoord gaan. 
Toen kwam aan bod dat ze deze week op vakantie zou gaan maar er nog een afspraak zou volgen met een tweede unit specialist die tevens aanbouwen doet.
Echter begrepen wij uit onze eerdere afspraak dat een unit al geen optie meer was. En dat wordt een beetje ingewikkelde uitleg maar ik ga het toch proberen.
In 2015 is de wetgeving wat betreft de isolatiewaardes van nieuwbouw veranderd. Een zorgunit is vergunningsvrij voor 10 jaar en wordt niet als nieuwbouw gezien. Echter zodra je een unit voor meer dan 10 jaar neer zet moet je en een vergunning hebben, en de unit moet voldoen aan bepaalde isolatie.
De unit plaatser gaf aan dat de unit nooit aan deze eisen kan voldoen. En als je er al een beetje in de buurt wilt komen gaat dit heel veel geld kosten. En hij raadde permanente bouw aan. 
Echter probeerde onze wmo consulente er steeds naartoe te sturen dat Vido een verkorte levensverwachting zou hebben. WTF?? En toen wij daar pittig op reageerde veranderde ze ineens en zou hij wellicht met 18 al uit huis kunnen zijn.
Uhmmmm…nou nee…echt niet. 

Ze bleef onze argumenten maar weg lachen en wimpelen en begon nog een paar keer over dat we niet zouden weten wat de toekomst zou brengen.

Te beledigend, kwetsend en te triest voor woorden. 
Nou vinden wij de unit mooi hoor. Het is echt niet zo een lelijke witte bouwkeet als voorheen. Maar omdat wij nou ook op de hoogte zijn van de wetgeving en straks al genoeg kosten krijgen zitten we er niet op te wachten ook nog eens iedere maand extra kosten te krijgen voor of het warm houden van de unit of koel krijgen.
Aan de telefoon begon ze nogmaals over Vido zijn levensverwachting. Zo vaak dat ze Franke er boos om kreeg. En dan moet je ver gaan. Maar boos of niet boos. Er zou dus nog een afspraak gemaakt worden met een unit plaatser en vervolgens zouden de offertes naast elkaar gelegd worden. Want de gemeente is qua regels, vergunningen en wetgeving toch wat soepeler richting wmo. (Haar woorden.) 
Dit strijkt mij zo tegen de haren in. Gewoon het hele verhaal. Stop eens te zeggen dat Vido een verkorte levensverwachting heeft. Gebruik of misbruik dat niet om de kosten te dempen. We hebben het hier over een mens. 
En haar argument dat het hier een huurwoning betreft en geen koopwoning, met andere woorden de gemeente ziet hier geen stuiver van terug. Nou daar veeg ik mijn kont mee af. 
Ik snap werkelijk niet wat wij nog meer kunnen doen. We staan met ons rug tegen de muur. De gemeente kan op hun strepen blijven staan. Ze kunnen ook zeggen dat deze woning dan gewoon niet door gaat en we verder gaan kijken. En dat willen we dus echt niet. Ondanks alles wat er aan het huis moet gebeuren is dit echt “ons” huis! Geen enkel ander huis in de gemeente Amersfoort zal zo geschikt en zo ideaal qua locatie zijn als dit huis. 
Maar wij kunnen ook niet toveren. De zolder moet hoe dan ook gedaan worden. We moeten niet alleen naast Vido nog vier kinderen kwijt, maar ook onze spullen. Want ondanks dat we echt al gigantisch aan het opruimen zijn geweest blijft het met 7 personen een hoop.
Veel tijd hebben we verder ook niet. We kunnen pas de woning in zodra alles klaar is. En ons plan was om zodra de gemeente actie gaat ondernemen om een aanbouw of unit te gaan plaatsen (Of aangeven met iemand in zee te willen gaan.) wij direct op zoek gaan naar een bedrijf die onze zolder kan verbouwen. Dat zal wellicht even speuren worden op zo een korte termijn, maar het is niet onmogelijk. 
Hoe we nou verder gaan weten we even niet. Ketsen we de woning af? Dat gaat zo tegen ons gevoel in. 
Kwijtschelding onder de voorwaarde van de gemeente gaat hem niet worden. We komen niet in aanmerking voor bijzondere bijstand. En dat weten hun ook. En we kunnen ook nog niemand anders aanschrijven omdat we nog niets definitiefs op papier hebben. Ergens tegenin gaan, bezwaar aantekenen, het hogerop zoeken. Het kan allemaal nog niet. 

Echter zijn we nou weer een week verder. Mevrouw Versteegh is fijn op vakantie. Over de andere aannemer hebben we niets meer gehoord. En ook van de college van de consulente hebben we niets vernomen. 
Ondertussen worden wij steeds onrustiger en zakt de moed ons steeds meer in de schoenen. Dan ben je zo bereid willend en denk je zo mee. En dan nog moet alles moeilijk. Want het betreft een huurwoning. 

Arghhh! 

2

30-04-2017

Ik haat het als ik geen kant op kan met mijn emoties. Dat ik geen aansluiting kan vinden in de reacties, het begrip of medeleven van anderen. Als ik merk dat ik het er veel moeilijker mee heb dan andere familieleden. 
Ik wil zo graag begrepen worden. Uitleggen dat hem daar ineens zo dood zien liggen zo ontzettend erg is. Dat dat mij voor de rest van mijn leven getekend heeft. Dat ik daar iedere dag “last” van heb. Dat mijn lichaam vanaf 16:00 in de middag, al vier jaar lang een automatisch teken van onrust door af geeft. 

Het heeft mij zoveel angsten opgeleverd en dat frustreert mij tot en met. 
Ik ben ik, en ik verwerk mijn emoties, mijn ervaringen, en in dit geval mijn trauma’s anders. Dat gaat niet volgens een boekje. Dat gaat niet volgens richtlijnen. Ik mijn manier, jij jouw manier. 

En zeker met het recente verlies wat ik heb meegemaakt is vandaag een bittere pil.
Ik was op zoek naar een stukje rust vandaag. Bezinning. Even een stil hoofd zonder kindergeluiden om mij heen. En dat is niet gelukt. En daar baal ik van. Want dat zorgde ervoor dat mijn hoofd er net voor zorgde dat ik één grote paniekaanval kreeg. 

Wat als ik terminaal ziek word? Wat als ik morgen ook plots dood in bed lig? Wie zorgt er voor de kinderen? Wie zorgt er voor Franke? Hoe moet het verder? 
Ik wil niet dood. Ik haat de dood. 

Ik moet niet vergeten hoe ik moet ademen. Anders ga ik in mijn paniek misschien wel dood.

Had mijn vader paniek? Voelde hij zijn dood aankomen? Had hij pijn? Heeft mijn zusje meegekregen dat ze dood ging? Voelde zij de enorme liefde aan haar zij?

Ik wil dat ook. Geliefd zijn. Niet alleen gaan. Maar pas als ik oud ben. Niet nu. Maar toch denk ik dat het vroeg zal gebeuren. Gewoon omdat ik er zo bang voor ben. Een voorgevoel. Tenslotte komt er al zoveel ellende op mijn pad. Daar hoort een vroegtijdige dood ook vast bij.

STOP!!!!
En dit hierboven is een beetje mijn hoofd tijdens zo een aanval. 
Gezellig he?

Nee precies…en daarom nu ook totaal kapot in bed 😔. 
Ik ga beneden een glaasje water halen en kijken of alles op slot is.
Mijn man wakker maken omdat hij vast in slaap is gevallen onder in het stapelbed van de jongens. Want die konden niet slapen. Voelde vast ons verdriet van vandaag. 

En dan hopelijk samen slapen. En morgenochtend samen wakker worden. En knallen. Zoals we altijd doen.
Vido naar revalidatie, ik schrijf de wmo, samen alles weer in het gareel krijgen. Toch? 

Hoe het gaat…

Vandaag kreeg ik van een lieve vriendin de vraag hoe het nou “echt” met me gaat. En dat kon ik enorm waarderen. Gewoon omdat ze door mijn online statussen waar dan ook heen prikte. Ik ken haar al sinds wayyyyy back en ze “doet niet aan” social media maar mijn weblog leest ze wel en daar ziet ze aan de zijkant ook mijn Instagram foto’s. 
Maar na haar vraag dacht ik…tja…misschien moet ik, of nee, misschien wil ik wel wat meer kwijt over hoe het met “mij” gaat. Ipv mijn gezinsleven. 
Zoals vele weten is April een klotemaand voor me. Veel triggers om mezelf nog beroerder te voelen. Terugdenken aan een miskraam, vervelende tijden, maar vooral het plots verliezen van mijn vader. 
Ik heb dan ook de afgelopen 4 dagen iedere nacht weer paniekaanvallen gehad die niet mis waren. En omdat ik niemand hun nachtrust wil ontnemen is mijn ritueel geworden dat ik naar beneden ga. Ik gooi de achterdeur open, steek mijn hoofd er uit en als ik weer met beide benen op de grond sta ga ik weer naar bed. 
Weer veel angsten omtrent ziekte, dood, etc. Ik moet ook nog eens een afspraak maken om een uitstrijkje te laten maken. Toen ik die brief dit weekend tegen kwam voelde ik al gelijk paniek. Want wat als….
Maar goed…door alle ontwikkelingen op woongebied lukt het mij ook niet om me puur op mezelf te richten. Soms wel vervelend en ik twijfel regelmatig of ik toch niet gewoon keihard een intensief EMDR traject in moet. 
Het is een hoop dat op me af komt en ik voel me echt met grote regelmaat of eigenlijk bijna altijd een dikke en letterlijk vette loser.
Het vooruitzicht op een passende woning brengt een hoop teweeg en ik moet eigenlijk erkennen dat dat even mijn focus nodig heeft. Want met ons gezin in een huis wonen waarin Vido alle zorg op niveau krijgt dat hij nodig heeft, dat is noodzakelijk. En ook het niet meer tillen naar de bovenverdieping. Dat is niet alleen voor ons heel fijn, maar het scheelt hem zoveel pijn op de plekken waar we hem vast moeten houden. 
Ik wil mezelf echt daar even op focussen maar ook zonder mezelf uit het oog te verliezen en dat is soms best moeilijk. Vooral omdat ik veel dingen weg lach. 
Wat me wel heel erg goed doet is het contact met mijn één na oudste zus. We gaan samen vaak kringlopen, ze komt hier een aantal keer per week en we hebben echt wel fijne gesprekken. Ik ben altijd een beetje bang het weer te verliezen omdat dat in het verleden wel vaker gebeurd is. Maar voor nu koester ik het enorm.
Ik ben gisteren voor het eerst sinds tijden weer eens bij haar op visite geweest. Dat was fijn! Ze is gisteren samen met mijn nichtje en haar vriend (van mijn nichtje) hier spontaan gezellig komen pizzarrette en het is gewoon fijn. 
Daarentegen mis ik mijn eigen vermogen om bijvoorbeeld naar anderen toe te gaan. Ik vind het een grote opgave om met ons hele gezin bij iemand op visite te gaan. De beperkte auto ruimte waardoor we niet alles mee kunnen nemen wat we zouden willen of nodig is. En ook de drukte om 3 kleine kinderen te vermaken bij anderen zonder dat ze hun eigen spulletjes hebben. Of bijvoorbeeld Vido zonder rolstoel. Al dat getil en gesjouw is intens. 
Dus ik hoop maar dat iedereen in onze omgeving en ons dierbaar is begrijpt waarom we soms (bewust) zo sociaal beperkt zijn. 
Maaaarrrrr…..door alle veranderingen, hoop op beter….daardoor heb ik wel weer vertrouwen gekregen in de toekomst en in het “het komt wel goed schatje” . 
Want als dit onze woning kan worden…dan komt het wel goed schatje. 

Ik vind woongenot maar vooral comfort (voor Vido) zo ontzettend belangrijk. En als die basis er is dan hebben we goud in handen om op voort te borduren. 

WieWeetWoning

En toen was daar de Gerard Schimmellaan 17 in Hooglanderveen. Een huis dat vandaag even ons leven op zijn kop zette.
Toen we hier aan de Middellandse Zee in Vathorst kwamen te wonen dacht ik eigenlijk dat dit voor de rest van ons leven zou zijn.
Het huis voelde goed, de buurt voelde goed, en zeker nadat mijn vader kwam te overlijden wilde ik hier helemaal niet meer weg.
Hier zat zijn werk nog in. Zijn handen hebben in dit huis dingen gemaakt. Hij heeft gezien hoe wij hier ons geluk vonden.
Maar toen ineens gebeurde er iets wat ons leven toch wel op zijn kop zette. De komst van Vido. Want los van het feit dat wij hem met vol vertrouwen in ons leven verwelkomde wisten we niet wat dit voor de toekomst in zou houden. We dachten er nogal luchtig over. Traplift, drempelhulpjes, etc. Wisten wij veel. We hadden immers totaal geen kennis op dat gebied en ook geen mensen in onze omgeving die hier ooit mee te maken hadden gehad. Maar goed…sinds enige tijd hebben we dan toch geaccepteerd dat wij hier niet met zijn allen oud kunnen worden. Onze woning is niet geschikt voor Vido, hoe blij we er ook mee zijn. En dan begint het proces waarin je gaat zoeken naar een andere woning. En dat is voor ons niet zonder slag of stoot gegaan. Kopen is geen optie, en sociaal huren was dit in principe ook niet. Vrije sector was een mogelijkheid, dachten we…maar dit bleek toch ook niet het geval. We zaten aan alle kanten vast. Godzijdank was daar overleg tussen woningbouw en gemeente en mochten we toch reageren op sociale huurwoningen. Maar ook daarin hadden we niet veel geluk. Mensen die volgens de regels urgenter waren waardoor huizen aan onze neuzen voorbij gingen, woningen die helaas toch niet geschikt te maken waren. Steeds weer haken en ogen die in ons nadeel werkte.

Inmiddels bieden wij geheel tegen ons gevoel in zorg onder de maat aan Vido. We kunnen niet anders. En geloof me…tot grote frustratie. De ruimte om hem fatsoenlijk te kunnen verzorgen kunnen we niet maken. Dus de nood werd hoger en hoger. Dit hebben we ook laten weten aan de gemeente.
En gelukkig is die boodschap overgekomen, ook bij de woningbouw.
Want om een lang verhaal kort te maken….we kregen de woning aangeboden op bovenstaand adres.

Even wat feiten. Het is een huis gedateerd uit 1968. Waarschijnlijk hebben de voormalige huurders er vanaf oplevering in gewoond. De woning is ernstig gedateerd. Prachtig, zo vind ik, maar niet praktisch in 2017 en met 5 kinderen. De woning moet dus worden gerenoveerd. Ookal zouden wij dit niet willen moet dit toch. Want de verhuurder moet aan bepaalde eisen voldoen. Dus hoe prachtig ik de bakelieten schakelaars ook vind, het geweldige lavet en ook de keuken, het moet er allemaal uit. Kortom, de woning ondergaat een grondige renovatie alvorens wij er zouden komen te wonen. Bepaalde plafonds moeten vervangen worden, de vraag is nog maar of de schouw mag blijven bestaan ivm de huidige veiligheidseisen. De muren moeten misschien gestuct worden, en zoals ik al eerder schreef, badkamer en keuken worden vervangen.

Op facebook heb ik een fotoalbum gedeeld met wat foto’s van de woning en tuin. Diverse vragen kwamen naar voren die voor mij wel verhelderend werkte. Want door daar antwoord op te geven komt het bij mezelf ook weer even op een rijtje.
Op de gedateerdheid heb ik al antwoord gegeven. De woning wordt gerenoveerd door de woningbouw.
En ja, de woning is boven ook (veel) kleiner dan de huidige woning die we hebben.

Maar we moeten ook realistisch blijven. We kunnen niet alles hebben. In Amersfoort een woning vinden die boven dezelfde ruimte biedt als wat we nu hebben en die al aangepast is of aanpasbaar is voor Vido zijn levensstandaard is gewoon onmogelijk. En ik vind het moeilijk hoor, want ik wil onze kinderen het liefst hetzelfde al niet meer geven dan ze nu al hebben. Maar soms is het gewoon niet anders.
Boven zijn 4 slaapkamers. De kleinste is echt een hokje van 5 vierkante meter en zou de eerste levensjaren van Djix voor haar voldoen maar daarmee houdt het ook op. De overige drie zijn wel te doen. Ja misschien moet Noah toch een kleiner bed overwegen en past Micah zijn chaise longue (die hij nooit gebruikt) niet meer, maar so be it. Ze hebben 15 en 13 jaar kunnen genieten van prachtige slaapkamers, en nu is het even niet anders.

En dan Pipp…uhm…ja die zal misschien nog wel even bij Vido moeten slapen zodra de unit of aanbouw beneden gerealiseerd is.

De badkamer boven is klein. Maar groot genoeg om met zijn 6en gebruik van te kunnen maken. Een douche en wastafel is alles wat we nodig hebben, en wat ruimte voor handdoeken en toiletspullen. Als het aan mij had gelegen was de badkamer nog net zo gebleven als hij nu was. Maarja…ik schijn niet de enige te zijn in dit huishouden.
Voor Vido wordt natuurlijk beneden een badkamer met toilet gerealiseerd.

De zolder echter geeft VEEL potentie!! Wij zouden daar het liefst een nokverhoging met dakkapel willen realiseren. Of zoals de opzichter het zei, een duiventil. En eigenlijk is dit ook nodig. Dit betekent wel een forse investering van onze kant en natuurlijk zijn daar de nodige vergunningen voor noodzakelijk. Dan zou de vlizotrap vervangen worden voor een vaste trap en kunnen we op zolder één of twee slaapkamers realiseren met ook nog opbergruimte. Ideaal! Aan ons ligt dit stukje echt niet. Maar zodra wij daar in gaan investeren hebben wij er een vaste maandlast bij omdat we een lening voor af moeten sluiten. Op zich ook geen probleem, ware het niet dat als wij een woningaanpassing krijgen, of dit nou een zorgunit of aanbouw is, wij iedere vier weken 242 euro eigen bijdrage moeten ophoesten.
En nee, hier valt niets voor te regelen. Dit is een berekening die gemaakt is en wordt gebaseerd puur op cijfers en niet op feiten.

Dit bedrag betalen wij 10 jaar lang en daarna is niets van onszelf. Geen unit, geen aanbouw, niets.

Dertigduizend euro waar we praktisch gezien niets aan over houden.

We hebben vandaag wel aangegeven met deze woning verder te willen gaan. De woning is dus van ons. Mits hij aangepast kan worden voor Vido en wij hiermee akkoord gaan. De gemeente wil de meest goedkope adequate oplossing. Een zorgunit. Wij willen dit niet. Of moet ik schrijven liever niet…
Laat ik het anders zeggen…onze voorkeur gaat hier niet naar uit. We willen alles behalve als zeikerds overkomen maar we willen hier de rest van ons leven blijven wonen. Nou hoop ik 100 te worden dus de komende 59 jaar wil ik hier blijven wonen. Voor Franke is dit zelfs nog veel langer.
We weten niet of Vido ooit zelfstandig zal gaan wonen. Maar ook stel dat hij zit zou kunnen moet hij wel de mogelijkheid hebben om thuis te komen. Denk aan weekenden, of als hij medische zorg nodig heeft, en misschien blijft hij wel thuiswonend of in ieder geval tot ver in de volwassen leeftijd. Een zorgunit of woonunit heeft een beperkte levensduur.
Dan zitten we nog met het warm worden in de zomer. In verband met Vido zijn oververhittingsprobleem (hij kan zijn warmte slecht kwijt door bijwerkingen van zijn blaasmedicatie) zal er dus climat control of airco in de unit moeten komen. Heel leuk allemaal maar dit wordt ook weer een extra verhoging op onze energierekening. En zo ook in de winter als je de unit warm genoeg wilt houden. Ik heb op diverse fora informatie gezocht en bij mensen die al een unit hebben en het is gewoon niet ideaal. Je hebt wel hele mooie perfecte units hoor, maar dat zijn niet degene die de gemeente gaat leveren.

Maar het feit dat er wel mogelijkheden zijn is natuurlijk al super. En dat is ook de reden geweest dat we hebben gezegd dat we met dit huis verder willen. Wat inhoudt dat dit huis voor ons on hold is gezet en we nou gaan kijken naar de mogelijkheden. En we hebben dit huis met groot geluk toegewezen gekregen want het stond eigenlijk op de nominatie om in de verkoop te gaan. Maar omdat de woningbouw tot Juni niets meer mag verkopen vanuit de sociale huur moesten ze het wel aanbieden. Hun hadden liever anders gezien want alleen aan Amersfoortse grond is dit huis al drie ton waard.

Maar eerlijk is eerlijk….er gaat hier een hoop werk voor ons in zitten. Veel schuren, schilderen, vloeren, muren, echt alles moet gedaan worden. En over de tuin nog maar niet te spreken. Geweldig hoor zo een lap grond, maar om het ingericht te krijgen gaat nog een behoorlijke klus worden.
En dan hebben we over het geld nog niet eens gesproken. En dat is wel iets wat ons onder andere ook enorm bezig houdt vandaan.

We kunnen niet en+en+en+en , het houdt een keer op. We zijn bereid te investeren om dit het huis van ons leven te maken. Maar het moet wel allemaal haalbaar zijn. En de komende dagen zullen we echt hard nadenken en onze hersenen kraken of we niet aan iets willen beginnen wat niet mogelijk is.
Het moet niet de bedoeling zijn dat we straks ja zeggen en onze spullen moeten pakken en in een huis zitten wat eigenlijk veel te klein is en waar we de komende jaren nog weinig aan kunnen veranderen.
En geloof me…de drang om gelijk volmondig ja te zeggen en de sprong in het diep te nemen die zit er echt hoor. Maar rationeel nadenken is echt iets wat we nou voorop moeten houden. Hoe moeilijk dan ook…want het huis, de straat, de buurt, die freaking grote tuin…de oprit…oh zelfs de viooltjes in de voortuin…we zijn verliefd.

Maar we staan er wel semi alleen voor. Om dit huis op te knappen zullen we weer op diverse fronten hulptroepen in moeten schakelen. Maar ook die hulptroepen zijn een keer uitgeholpen.
Ja ik kan weer oproepjes plaatsen op facebook of mensen willen komen helpen.
We zouden een gofund op kunnen zetten.
Maar we zijn volwassen mensen en moeten het toch ook zelf allemaal eens op kunnen lossen.
Plus we moeten dit keer voor zekerheid gaan. We kunnen niet op de bonnefooi onze handtekeningen onder een huurcontract zetten.

Dus voor de komende weken staat er aardig wat in de planning. Om te beginnen volgende week een twee uur durende afspraak met een bouwkundig ingenieur, een deskundige in zorgunits, de aannemer, en waarschijnlijk de wmo consulente en opzichter.
Een afspraak waarvoor wij goed beslagen ten ijs moeten gaan.

Dus we gaan ons voorbereiden zo goed als we kunnen en ook voor onszelf de afweging maken of wij dit traject wel in kunnen gaan. Want soms kan je iets nog zo graag willen….maar moet je ook erkennen als het niet mogelijk is.

Het is dus nog een to be continued.

Oh ja…check de foto’s nog maar even 😉

WieWeetWoning

Geplaatst door Debbie van den Broek-Telgenhof op woensdag 19 april 2017

Één huis is geen huis, twee huis is een half huis, drie huis is een thuihuis!

Zucht…uit frustratie wist ik niet eens een goede titel voor mijn blog te verzinnen. Door de Pasen kon ik niets creatievers verzinnen dan deze titel.
Nog 3 nachtjes! Dan mogen we de drempel over van ons misschien wel toekomstige huis. Het huis waar we oud gaan worden. Het huis dat wellicht wel ons thuis wordt. Het huis waar we ALLEMAAL gelukkig zouden kunnen worden. Het huis waar we de afgelopen weken zo vaak langs zijn gereden dat de buurtbewoners denken dat we ook bij hen in de buurt wonen. Zucht. Wat een lange weken waren het zeg. Maar onze onrust, ons enthousiasme over iets waar we eerst helemaal niet zo blij mee waren bewijst maar eens hoe hoog onze nood is. Maar eerlijk is eerlijk. De moed zakte ons wel even in de schoenen toen we afgelopen week NOG een huis toegewezen kregen.
We werden gebeld door een mevrouw van de woningbouw dat er nog een woning beschikbaar was. Volgens haar nog geschikter dan de woning in Hooglanderveen. WOW, dachten wij. Tot we het adres en de woning opzochten. Waterdreef 30.
Een tussenwoning zoals we nou ook al hebben, in een totaal andere wijk, en het plaatsen van een woonunit in die tuin zou nog ellendiger zijn dan het plaatsen van een woonunit in onze huidige tuin. Als je praat over de plank mis slaan dan was dit echt totaal mis geslagen. En dat bracht ons wel even tot een dieptepunt. Of eigenlijk bracht het meer vragen. Snappen ze onze situatie wel? En zo ja, hoe kan je ons dan zo een woning aanbieden? Ja, de woning was groot genoeg voor ons gezin. Als ons gezin volledig gezond was geweest. Maar volgens onze laatste check is er toch iemand in ons gezin die de nodige aanpassingen nodig heeft omdat hij niet helemaal gezond is.
Franke heeft dan ook diezelfde dag opgebeld en uitgelegd dat we dit een vervelende situatie vinden. Vooral omdat op onze laatste afwijzing van een woning nogal nors gereageerd werd. En we niet wilde dat we nou weer diezelfde hoek in gedreven zouden worden.

En eerlijk is eerlijk, door het aanbieden van deze woning waren we ook wel bang dat onze kansen verkeken waren op de woning aan de Gerard Schimmellaan 17 in Hooglanderveen.

Ken je dat gevoel dat iets goed voelt vanuit je buik? Dat je iets meemaakt, iemand ontmoet, een keuze moet maken, of zoals wij nou een huis zien, en dat alles vanuit je buikgevoel gewoon goed zit? Ondanks dat het verre van perfect is. Maar juist omdat dat buikgevoel zo goed zit vind je allerlei manieren om iets perfect te maken. Je bedenkt opties. Verlegt grenzen maar wel in het geaccepteerde. Kortom, je ziet en denkt enkel in opties en niet in beperkingen of hindernissen. Los van dat het huis nou niet perfect is, zie ik als meest grote hindernis de buren. En niet om hun, maar om het feit dat wij met 7 zijn en niet geluidsloos, en ik het vervelend zou vinden als hun daar hinder van zouden ondervinden.

Maar de afgelopen weken zijn we dus bizar vaak langs gereden. Even gluren om te kijken of het al leeg was en we wellicht even konden zien hoe het er nou uit zag van binnen. We weten al dat de staat verouderd is. Dat de keuken en badkamer vervangen moeten worden en waarschijnlijk nog veel meer. Maar bij een huis als deze is dat niet erg. Maar tot op heden konden we niks zien. Alleen dat volwassen kinderen hun moeder aan het helpen waren met de verhuizing. Het bracht ook wat weemoed. Herinneringen aan mijn eigen ouders. Aan toen wij het huis van mijn vader moesten leeg halen. Alleen was mijn vader dood.

Gisterenavond zat ik op de bank en kreeg ik ineens zo een kriebel. Dat we even moesten kijken. Het huis is echt heel dichtbij onze huidige woning dus stapte we in de auto en reden we even langs. Tot ons grote enthousiasme zagen we dat het leeg was!! Dus Franke maakte snel een foto (met flits) maar we werden gelijk opgemerkt door de overburen hahaha. De sociale controle is dus groot! Mooi!
Enigszins hyper zaten we thuis op de bank. Want wie weet zouden we de dag daarna wel kunnen kijken zonder dat de vitrage voor het raam hingen.
We hebben al diverse huizen online bekeken uit de straat die te koop hebben gestaan, maar deze zijn allemaal al uitgebouwd e.d. dus een heel duidelijk beeld konden we niet schetsen van de woning.

Vandaag kon Franke zijn nieuwsgierigheid niet bedwingen en wilde er weer langs. Ik voel echter al zoveel schaamte als onze auto weer door de straat gaat dat ik het niet aandurfde mee te gaan. Hahaha puur uit angst dat we herkent zouden worden en iemand ons kenteken zou noteren en de politie zou bellen.
Ik kreeg even later een sms van Franke met de tekst “Woot” , dus wist eigenlijk al gelijk dat hij een beter beeld kon schetsen.
Een paar minuten en 17 foto’s later werd dit vermoeden ook bevestigd.
Er was niemand aanwezig en hij kon schaamteloos het huis begluren.

En bij het zien van de (niet hele duidelijke) foto’s ging mijn hart alleen maar sneller kloppen. Een huis dat ademt. Een huis met karakter. Een verhaal.
Maar met stip bovenaan, een huis met zoveel potentie!! Oh en wat is het dan toch vreselijk frustrerend dat we van zoveel factoren afhankelijk zijn.
Ik zie onze planten al op de schoorsteenmantel staan. De muur tussen de keuken en woonkamer al weggesloopt. De nokverhoging is ook geen probleem en de aanbouw of unit komen ook wel in orde. Voor mijn gevoel is dit ons huis! Wil ik er echt ALLES aan doen om dit ons huis maar vooral ons THUIS te maken! Want er zijn zoveel dingen die we niet kunnen. Bijvoorbeeld een huis kopen, een twee onder één kap bewonen, veel ruimte om ons huis bezitten, überhaupt een huis bewonen dat potentie heeft om geschikt te worden voor ons allemaal.

Wat ik na dit weekend zeker weet is dat ik me voor de volle 100% hard ga maken om hier te gaan wonen. Er kan echt zoveel. En het voelt zo goed. En ik sta in gedachten als een klein kind te drammen met “Ik wil het, ik wilt het, ik wil het!”
Mijn buikgevoel zegt dat hier ons geluk ligt….echt….

Jaren gaan voorbij…liefde blijft.

18 Februari 2008,

Ik was met mijn destijds echtgenoot Harald en eeuwig trouwe vriend Jeff in het verre Groningen. We hadden een meeting van een online spel dat we speelden.
Mijn biologische vader lag op dat moment in het ziekenhuis en onderging een behandeling tegen leukemie. Het was niet stabiel op dat moment maar ook niet zorgwekkend dus ik besloot toch die kant op te gaan. Met de belofte van Jeff dat als er iets was hij in turbo naar huis zou rijden.

Mijn angst werd realiteit. Sabine belde mij. Het ging niet goed. Ik moest naar het ziekenhuis komen want het kon ieder moment fout gaan. Het lijntje tussen leven en dood was dun. Maar toch was er hoop. Veel hoop.

Ik weet nog als de dag van gisteren wat ik aan had. Ik leek wel een Gothic. Enorm wijde zwarte spijkerbroek met grote zwarte kruizen achterop en een zwart vest. Ik was zo trots dat ik deze broek paste na mijn gastric bypass.

De weg van Groningen naar Amersfoort was voor mij een hel. Jeff reed echt veel te hard. tussen de 145 en 160 km per uur. Maar hij deed het voor mij. Binnen no time stond ik voor het Lichtenberg. Verslagen. Ik moest naar binnen. En bij het binnen treden van het ziekenhuis wist ik dat ik afscheid moest gaan nemen van één van de meest bijzondere personen van mijn leven.

Ik vond het doodeng. Ineens stond ik face to face met een familie die ik niet kende. Met zijn zoons, zijn vrouw, zijn dierbaren die ook mij niet kenden. Behalve Sabine kenden ze mij enkel van naam. Meer niet. Ik voelde mij een indringer. Een indringer in hun verdriet en hun afscheid. Maar tegelijkertijd had geen van hen er weet van wat mijn band was met hun vader, hun man. Ook mijn vader. Wellicht geen opvoeder, maar wel mijn vader. Ik ben tevens zijn vlees en bloed. Maar omdat we al die jaren van gescheiden elkaar zijn opgegroeid en hebben geleefd wist niemand van zijn band met mij en mijn band met hem.

Dolblij was ik met mijn broer Jelle. Een tikkeltje “gek” net zoals ik. Maar ik was wel gewaarschuwd voor Jan. Die zou weleens bot kunnen zijn en niets van mij willen weten.
Ik vond dat zo moeilijk. Want wat had ik hem ooit misdaan?
Uiteindelijk bleek dat ik banger gemaakt was dan nodig 😉

Uiteindelijk zonder verder in detail te treden was dit één van de meest intense momenten van mijn leven. In een heel kort tijdsbestek heb ik familie waarvan ik wel wist dat ik ze had maar nooit mocht leren kennen, zo enorm in mijn hart gesloten.

De uren die volgde namen we met zijn allen op onze manier afscheid van een man die ons allen zo enorm dierbaar was. Het moment dat wij allemaal in zijn kamer stonden en hij zijn laatste (voor mij) heldere moment had vergeet ik nooit meer. Hij keek op, keek om zich heen, zag ons allemaal…lachte…en het was goed.

Al zijn kinderen in één ruimte (minus Tinus helaas die al overleden was.) en het ging goed.

Op 19 Februari namen we eeuwig afscheid van hem. Een moment in tijd dat ik nooit meer zal vergeten.

————————

Gisteren, 18 Februari.
Paula was jarig. De moeder van mijn zusje. De vrouw van mijn biologische vader.
Ik wist het niet. Zeg ik eerlijk.
Ik kwam erachter door mijn broer Jelle.
En gelijk toen ik het hoorde dacht ik, “Ik kan dit niet voorbij laten gaan.”

De afgelopen maanden hebben wederom een enorm groot verlies ervaren.
Mijn zusje kwam te overlijden. Sabine ging dood aan de gevolgen van borstkanker.
Bizar.

Ik wilde eerst online bloemen bestellen. Maar dat voelde niet goed.
Franke wilde lief als hij is wel een boeket langs brengen.
Maar dat voelde ook niet goed.

Ik moest ook naar mijn moeder in het ziekenhuis die dag en kocht bij het tuincentrum twee stukjes. 1 voor haar en 1 voor Paula. En ik had de hoop dat ik het lef zou hebben om het stukje voor Paula persoonlijk langs te brengen.

En dat lef had ik uiteindelijk.

Franke bracht mij ’s avonds naar Paula. Nadat ik bij mijn nichtje had gecheckt of Paula die avond wel thuis zou zijn.

Gisteren, 18 Februari, waren wij weer allemaal samen.
Zoals toen….
Maar mijn lieve hemel wat kan er veel gebeuren in 9 jaar tijd.
Wat hebben wij met zijn allen enorm veel pijn, verdriet en verlies mee moeten maken.
Het is eigenlijk niet gezond.

We zaten er niet compleet. Behalve Jelle en Ramon die miste omdat ze al geweest waren en anderen verplichtingen hadden was natuurlijk het grote gemis, Sabine.
Zij was er niet….
En dat was raar. En pijnlijk. En enorm confronterend.

Maar hoe krom dan ook, het was ook enorm mooi. En fijn. En bijzonder.
Zo bijzonder dat mijn hoofd er al de hele dag vol van is.
Wat een enorm fijn gezelschap zijn wij allen zo samen.
En wat enorm veel liefde en warmte stralen wij uit en geven wij elkaar.

Ik heb gisteren een avond mogen beleven die mij mijn hele leven bij zal blijven.
Omdat ik de ballen had langs te gaan.
Maar nog veel meer omdat mijn komst ontvangen werd met zo enorm veel liefde en dankbaarheid.

En vandaag is de sterfdag van Emmo….
Pijn doet het mij niet meer deze dag.
Ik ben erdoor gegroeid, en behalve hem nog steeds missen kan ik alleen maar zeggen de pijn plaats gemaakt heeft voor een heleboel andere emoties.

Gisteren neemt niemand mij ooit meer af.

En het is eigenlijk diep en diep triest dat ik met de familie, het gezin waarin ik op ben gegroeid, niet zulke mooie fijne herinneringen (als we het hebben over dood en afscheid) heb en never nooit zulke fijne momenten kan beleven als ik met mijn “andere familie” wel kan.

Anyway….

Jan, Irene, Deborah, Bas, Paula, Bats, Johan en Jan…. bedankt voor gisteren.
Het gaf mij de kracht om vandaag door te komen zonder alleen maar verdrietig te zijn.
Maar ook enorm trots.
Ik hoop dat we met zijn allen mooie herinneringen kunnen maken en mijn terughoudendheid en mijn angsten daarin niet in de weg zullen staan.

Aan jullie ligt het zeker niet.  <3

4

Kick in the ass! 

Al dagen, of eigenlijk weken, is mijn hoofd aan het malen. Wat ga ik nou doen? De eerste stap zette ik natuurlijk door voor de kerst naar de huisarts te gaan. Maar soms is de tweede stap zetten nog moeilijker dan de eerste.

Ik kreeg Xanax voor mijn angstaanvallen. Maar nu 3 weken later mist de strip nog maar één tabletje. Want tijdens mijn paniekaanval waarin ik Xanax nam kwam er eigenlijk alleen maar meer paniek omdat ik het gevoel had dat ik niets meer in de hand had. 

Maar de afgelopen weken werd het ook wat rustiger in mijn hoofd. Ik was vele malen minder duizelig en als ik een paniekaanval kreeg ging ik steevast onder de douche zitten zonder iemand wakker te maken en zo voelde ik mij ook niet meer bezwaard naar de rest van mijn gezin. 

Vorige week kaartte Franke mijn begonnen traject aan. Ik was iets van plan en had daarin grote stappen gezet maar de bedoeling was natuurlijk wel dat ik stappen bleef zetten. Ondanks het feit dat ik het vervelend vond dat hij mij erop aansprak besefte ik mij natuurlijk allang dat ik door moest pakken. Anders zou het weer zo een halfbakken verhaal worden. 

Maar ik moest wel eerst weer moed verzamelen om stappen te nemen en te zetten.

En vanochtend was ik het helemaal zat! Ik had wederom liggen malen in de nacht. Djix werd wakker om 5 uur. En ik was werkelijk kapot. En toen vroeg ik me af, hoelang ga ik dit nog volhouden?

Dat therapeutische witte wijntje aan het eind van de dag is allang niet meer therapeutisch maar gewoon noodzaak. Noodzaak omdat het ervoor zorgt dat ik geen avond vol angst en paniek tegemoet ga. En dat is bullshit. En het is allang geen “1” wijntje meer. Ik moet dit gewoon aan kunnen pakken. Klaar. Punt uit! (En nou niet hysterisch denken dat ik een alcoholist ben die hier debiel door het huis loopt. Want dat is verre van de realiteit.) 

Dus dat moet over zijn. Ik moest mezelf echt figuurlijk een schop onder mijn hol geven deze ochtend en een afspraak maken bij de huisarts. Nou kan dat gelukkig online dus een hele hoge drempel hoefde ik daar niet voor over. 

Als “reden” vulde ik in “Vervolgafspraak verwijzing psycholoog/traject psytrec.” 

Pas daarna liet ik Franke weten dat ik de knoop had doorgehakt. Hoe moeilijk dan ook, ik moet aan de slag. Hard aan de slag. 

Mijn angsten beginnen de overhand te krijgen en dat wil ik absoluut niet. Ik zie echt in de meest simpele dingen angsten. Vorige week was het zelfs zo erg dat ik zeker wilde weten of mijn zus wel een uitvaartverzekering had. En haar vroeg of ze misschien niet eens al haar overbodige spullen weg moest doen voor het geval ze zou komen te overlijden. Want dan zaten enkel haar dochter en wij met al die spullen en moesten we weer meemaken wat we met mijn vader ook al hadden meegemaakt. 

Koekkoek Debbie! Je zus is gewoon gezond. Laat haar leven. Hou op!!

Die gruwelijke dood die mij zo in zijn grip heeft. Bang dat Franke dood naast me ligt, dat hij een auto-ongeluk krijgt, dat hij ongeneeslijk ziek wordt, angst om zonder hem verder te moeten leven.

Bang dat Djix sterft aan wiegendood. Dat Vido zijn drain het niet meer doet en hij plots overlijdt. Als mijn telefoon gaat vlak nadat de kinderen naar school zijn de angst hebben dat ze verongelukt zijn. Iedere ochtend (nacht) mijn telefoon pakken en angst hebben dat er een berichtje staat dat mijn moeder is overleden. 

Oh man, je zou bijna denken dat ik niet meer normaal kan functioneren. En als ik het zo terug lees schaam ik me ook. Want ik spoor echt nog wel hoor. En niemand heeft echt in de gaten hoe mijn hoofd functioneert. En als je met me omgaan zul je ook niet doorhebben dat er zoveel angsten in mij verscholen zitten. En het is de ene dag ook minder erg dan de andere dag. Het ging een tijd goed. Tot mijn zusje kwam te overlijden. Toen verloor ik wederom al mijn vertrouwen in het leven. 

En dat vertrouwen is ook een beetje mijn probleem. Een beetje veel op dit moment. We leven, ik leef, maar het vertrouwen dat het nou ook een keer goed blijft gaan heb ik niet meer. Er is altijd wel één of ander portie ellende wat ons komt aanwaaien. En het maakt me niet alleen bizar moe, maar ook intens verdrietig. 

Ik wil zo graag dat mijn gezin, mijn geliefde, geen ellende meer op hun pad krijgen. Maar ik ben zo bang dat dat niet het geval zal zijn omdat ze horen bij mijn gezin. En ik trek alleen ellende aan. 😔

En dit is in een hele kleine notendop mijn gedachtengang. Ik heb lang niet alles opgeschreven. En dat hoeft ook niet. Maar ik kan je wel vertellen dat het dood en doodvermoeiend is als je iedere dag zo moet doorkomen. 

En daarom mijn doorgehakte knoop. Ik ga volgende week naar de huisarts. Hij gaat voor mij een verwijzing uitschrijven om naar Psytrec te gaan. (Google svp even want de link werkt niet via mijn telefoon.) 

Daar kom ik hopelijk door de intake heen en kan ik hun traject beginnen om de trauma’s en angsten die ik heb omtrent de dood aan te gaan. Om ze te verwerken. En daarna gaat het knokken door want er is zoveel meer. En hoezeer ik nooit meer in de psychische zorg terecht wilde komen ga ik nou toch die kant op. En best met trots. Want ik voel me nog steeds een goede moeder. Een goede echtgenote. Een lieve vriendin en zus. Maar ik moet sommige dingen wel aan gaan pakken om het ook te kunnen blijven. En dat is wat ik nu ga doen. En geloof mij…die drempel was torenhoog!!

(Vergeef me mijn taal en spellingsfouten. Schrijven via mijn iPhone gaat mij nog niet zo goed af.) 

5

Xanax, because sometimes wine just isn’t enough ;-)

Vandaag was dan eindelijk de dag dat ik naar de huisarts moest/mocht. Al langer dan een week werd ik steeds geconfronteerd met de afspraak als ik op de kalender keek. En hoe te dichter de datum kwam hoe te meer ik smoesjes begon te verzinnen om niet te hoeven gaan.
Maar toen ik vannacht uit mijn slaap wakker schrok en in een vreselijke paniekaanval terecht kwam kwam ik tot het besluit dat ik gewoon echt moest. Geen smoesjes of gelul meer. Schop onder mijn hol en gewoon gaan.
Dus na een vrijwel slapeloze verdere nacht en misselijke ochtend van de zenuwen zat ik om 10:50 uur netjes in de wachtkamer van de huisarts.
En het duurde en het duurde en ik stond bijna op het punt om weer weg te gaan.
Maar toen werd mijn naam geroepen, gelukkig.

Mijn hartslag was zo hoog 🙁 evenals mijn bloeddruk. Enorm gespannen.
Bij het zien van mijn huisarts begon ik al bijna te huilen. Als ik hem in de ogen kijk voel ik erkenning. Begrip. Hij weet en kent mijn diepste geheimen. Dus bij zijn eerste vraag “wat kan ik voor je betekenen?” begon ik al te huilen.

Ik had gelukkig mijn plan de campagne al klaar en geordend in mijn hoofd. Maar toen ik vannacht mijn paniekaanval had werd deze versterkt door mijn waanbeelden dat ik het hem niet meer uit kon leggen.

Ik vertelde hem het volgende.

“Ik was hier al enige weken geleden bij de invallende huisarts. Ik was duizelig en er werd geen oorzaak gevonden. Als het niet over was binnen twee weken moest ik terug komen. Dat heb ik niet gedaan. Ik kon het niet. Een afspraak maken bij de huisarts kost mij bergen met energie, maar na de zoveelste angstaanval kon ik niet anders. Maar ik heb in die weken wel nagedacht en alles op een rijtje gezet. De afgelopen jaren zijn niet heel soepel verlopen als ik eerlijk ben. En weet je…eigenlijk als ik heel eerlijk ben is het vanaf mijn scheiding in 2008/2009 het allemaal niet geweldig verlopen.
Mijn biologische vader kwam te overlijden. Ik heb hem zien overlijden. Dat was vreselijk. Alle herseninfarcten van mijn moeder. De laatste waarbij ik echt op mijn knieën aan haar bed heb gezeten en afscheid heb genomen. En toen alle zorg, daarna ouders die gingen scheiden, een zieke moeder, depressieve vader, pppff het was zoveel. En pas toen ik alles weer een beetje op orde had gebeurde het vreselijkste ooit. Ik had net een miskraam gehad en vond kort daarna mijn vader dood in zijn woonkamer. Weet je hoe erg dat is? Dat beeld krijg ik nooit meer uit mijn hoofd. Het beetje bloed uit zijn neus. De lelijke plek op zijn hoofd. Zijn koude lichaam. Het niet meer reageren op onze stemmen. Het voelde zo machteloos. Ik voelde me zo machteloos. Daar lag mijn vader moederziel alleen. Daarna was de zwangerschap van Vido. Zijn open rug. De foetale chirurgie.

Maar goed…dat was toen…dit is nu.
Mijn zusje kwam te overlijden. Twee maanden nadat ik in Augustus was bevallen van mijn dochter. Mijn zusje had uitgezaaide borstkanker. Ik heb haar laatste adem gezien en gehoord. Het reutelen van haar longen was vreselijk. Het aanzicht van haar man en kinderen brak mijn hart. En daarna gebeurde het. Ik zat op de bank. Het voelde alsof er iets knapte en ik schrok. Maar ik dacht eigenlijk dat mijn schrikreactie bij het “knappen” hoorde.
Maar nu ik er over nagedacht heb realiseer ik mij dat de schrik er niet bij hoorde maar het begin was van mijn angst.”

En op de basis van mijn verhaal en onze connectie hebben we een plan gemaakt.

Dit jaar, wat natuurlijk nog maar even duurt, heb ik medicatie voor mijn angstaanvallen. Xanax. Wordt niet vergoed door de zorgverzekeraar. Maarja ik heb het nodig…dus ik moet wel.
In het nieuwe jaar, dus volgende week, krijg ik een verwijzing voor de psycholoog. Daar ga ik een EMDR traject in. En ik hoop echt enorm dat dit afdoende is. Maar zowel ik als de huisarts denken al dat daarna nog andere behandeling noodzakelijk zal zijn.
Dus dan weer aan de amitriptyline. Mijn laatste antidepressiva. Effectief voor zowel depressie als fibromyalgie.
Maar liever iets wat alle drie behandelt. De depressie, de chronische pijn en de angsten.

Op het moment van EMDR mag ik geen medicatie dus dan gaan we gericht te werk en juist die angsten confronteren. En dat kan niet met medicatie die je afstompen.
Er gaat dus een heftige tijd komen. Maar ik ben er klaar voor. Ik ga de strijd aan in 2017!
En de medicatie die ik niet vergoed krijg…tja…so be it…dat zien we dan wel weer.

Vandaag van mijn zorgverzekeraar te horen gekregen dat de EMDR vergoed wordt omdat ik PTSS heb.
Uhm ja…oke…dat heeft de huisarts in het systeem gezet en is ook zo. Ik heb een posttraumatische stressstoornis in combinatie met een angst/paniekstoornis.

Best heftig om het nieuwe jaar mee te beginnen.

Ik ben wie ik ben en ik doe wat ik doe.

((Dit stukje schreef ik al eerder op de facebookpagina van mijn weblog. Het kan dus zijn dat je het al gelezen hebt.)

Vandaag zette Elsemiek een plaatje op mijn facebook (Debbie van den Broek-Telgenhof) . En eigenlijk precies op het juiste moment.
Ik zat vanochtend op de bank na een te korte nacht. Wederom zitten we met een huis vol zieken. De ene hoest, de ander huilt, die heeft buikpijn en de volgende hoofdpijn.
En ik kan je vertellen, als je zelf niet lekker in je vel zit is het pittig om voor deze ziekenboeg te zorgen.
Ik werd vanochtend wederom extreem duizelig wakker en moest me focussen op het verzorgen van Djix. En ik baalde. Ik baalde enorm. Waarom voel ik mij zo?
 
Afgelopen week was voor mij echt een dieptepunt. Vrijdag gingen we de as van mijn zusje op haar laatste “rustplaats” plaatsen. Ze heeft een soort van grafje gekregen waar de urn met haar as in staat. Het bizarre is dat mijn biologische vader tegenover haar staat, althans zijn urn. Er is een urnenmuur waar hij de eerste plaats linksboven heeft bezet. Zijn flatje 3 hoog zeggen wel weleens. Als je je hoofd er in zou stoppen en naar beneden zou kijken zou je het “grafje” van mijn zusje kunnen zien. Hij waakt dus over haar. Bij wijze van dan.
 
De hele week zag ik er enorm tegenop. Maar vooral in mijn onderbewustzijn. Tot Donderdagochtend.
Ik zat op de bank en was wederom duizelig.
En als ik duizelig word dan komt daar paniek bij kijken.
Dan ben ik bang. Bang om de controle te verliezen. Bang dat ik ziek ben. Bang dat ik dood ga.
Zonder iets te zeggen zat ik naast Franke op de bank en schoot de paniek door.
Ik werd licht in mijn hoofd, ik werd nog duizeliger, mijn ademhaling versnelde en ik dacht dat ik flauw zou vallen. Ik werd overal een soort van warm en dacht…”dit is niet goed.”
 
Dus ik stond op, deed de achterdeur open en probeerde door de frisse lucht weer een beetje met beide voeten op de grond te komen. Maar het lukte niet en mijn paniek werd groter.
Tot ik niet meer kon en dacht dat ik echt flauw ging vallen.
Ik herkende het gevoel.
 
Ooit…toen ik 17 was had ik hetzelfde gevoel. Ik lag op mijn bed tv te kijken. Jambers.
Ik voelde ineens een hartklopping en schrok daar enorm van. Ik dacht dat ik dood ging.
Daardoor raakte ik in paniek en ik dacht serieus dat ik het aan mijn hart had.
In paniek rende ik naar beneden en alarmeerde mijn vader.
Ik dacht dat ik door mijn overgewicht een hartaanval kreeg en stond vol tranen in de woonkamer.
Mijn vader bedacht zich geen moment, zette mij in de auto en bracht mij naar de EHBO van het Elisabeth Ziekenhuis in Amersfoort.
Daar aangekomen werd ik aan de monitor gelegd en was ik nog steeds in paniek.
Na alle controles bleek dus dat er niets met mij aan de hand was maar dat ik hyperventileerde. Maar mijn lieve hemel zeg…wat was dat eng.
 
Maar terug naar Donderdag. Ik vroeg Franke om op te zoeken wat je moest doen als je ging hyperventileren. Dit terwijl mijn hoofd buiten de achterdeur stak.
Lief als hij is begon hij gelijk te zoeken en gaf mij instructies.
En hoe goed ik mijn best ook deed deze op te volgen bleef de paniek en mijn te hoge ademhaling.
Tot ik niet meer kon en begon te huilen.
 
VERDOMME!!!
 
Ik was zo teleurgesteld in mezelf en zo in paniek. Waarom gebeurde mij dit??
Ik ben Debbie! Ik ben de vrouw die alles weet te relativeren en alles aan kan.
En het is misschien arrogant om dat over jezelf te zeggen maar het is wel echt zo.
Ik ga niet zo snel naar de huisarts (terwijl ik mijn huisarts echt heel charmant vind), zeker niet met psychische klachten.
Dat komt natuurlijk ook door mijn verleden.
 
Ik werd op mijn 16e depressief en heb vanaf mijn 17e jarenlang aan de Prozac gezeten.
Tussendoor kreeg ik nog de diagnose Manisch Depressief en zat ik aan de Lithium, maar dat werd (gelukkig) daarna omgezet naar Chronisch Depressief.
Ik heb interne therapie gehad op de PAAZ afdeling van het ziekenhuis en dat is eigenlijk mijn leidraad geweest voor de rest van mijn leven. Ik ben er enorm krachtig door geworden en mede door deze therapie ben ik iemand geworden die heel nuchter is en relativeert tot ze er bij wijze van bij neervalt.
 
Maar het lukt me nou niet meer 🙁 . Er is teveel gebeurd om te relativeren.
Want hoe kun je verklaren dat mensen veel te vroeg dood gaan?
Dat mensen veel te jong ziek worden?
Dat pech keer op keer aan je deur komt kloppen?
Ik heb er geen verklaringen meer voor en dat maakt me enigzins wanhopig.
 
Mijn angsten zijn er niet voor niets. Mijn angst voor de dood. De afgelopen jaren ben ik zo vaak met de dood geconfronteerd. Maar vooral met de oneerlijke dood.
Mensen gaan ook dood aan ouderdom en dat is in mijn hoofd goed te verklaren.
Hoe vreselijk het ook is voor de nabestaande kun je je er toch beter bij neerleggen.
Maar ik heb inmiddels al teveel dierbaren zien sterven op te jonge leeftijd en dat is niet oké.
Ik heb een trauma overgehouden aan het aantreffen van mijn dode vader in zijn woonkamer. Totaal onverwacht.
Toch dacht ik dat ik inmiddels de dood de baas was geworden.
 
Het ging weer beter met me en voelde me ondanks mijn trauma krachtiger worden.
Nog wel wilde ik echt aan het werk gaan met mijn angsten om iemand ineens dood aan te treffen, maar dat als de tijd er rijp voor was.
En toen ineens kwam daar dat telefoontje dat Sabine echt heel erg ziek was geworden.
 
Natuurlijk wist ik dat ze kanker had. Dat ze chemo’s had ondergaan en vol positiviteit alles aan was gegaan. Voor mijn gevoel soms ook met haar kop in het zand. Maar ach, wat boeit het? Als je op die manier door kunt gaan en het leven mooi kunt houden dan is dat toch zo? Wie ben ik om daar commentaar op te hebben?
Het enige waar ik mij zorgen om maakte was om haar man en kinderen.
Gaan zij niet teveel geloven in haar bubbel van “het komt wel goed.”?
 
Want zelf ben ik heel sceptisch over kanker en genezing.
Ik wil mensen met kanker niet onnodig bang maken maar mijn ervaring is, het komt altijd terug.
En dat gebeurt gelukkig ook jaááááren later, ook die ervaring heb ik.
Maar kanker is een sluipmoordenaar. Ik haat kanker.
 
Dus toen ik te horen kreeg dat Sabine dusdanig ziek was geworden dat zij weer in het ziekenhuis kwam te liggen en het er niet goed uit zag wist ik al genoeg.
 
Ik ga naar het ziekenhuis om afscheid te nemen.
 
Ik was blij en dankbaar dat ik daarbij mocht zijn. Het was intens. Verdrietig. Onmenselijk. Maar ik mocht er bij zijn. En zo dankbaar dat ik ben dat ik ooit bij het begin van nieuw leven mocht zijn, zo dankbaar ben ik dat ik bij het sterven van mijn zusje mocht zijn.
 
Maar had ik geweten wat ik nu weet? Dan had ik het nooit weer gedaan.
 
Haar laatste uren. Haar ademhaling. Haar strijd. Haar mooie gelakte nagels hand in hand zien met die van haar man. Het schoonmaken van haar mond omdat ze zelf haar speeksels niet meer weg kon krijgen. De geluiden die ze maakte. De strijd die haar lichaam had. Het zien opgeven van organen. Haar laatste adem.
 
Het heeft mij geen rust gebracht als die het mij wel bracht toen ik mijn (biologische) vader heb zien sterven.
 
Ik reed die avond naar huis op mijn scooter. Na haar overlijden. Raakte de weg nog kwijt in het Schothorsterpark. En mijn hoofd begon al te tollen. Was het echt wat ik zojuist heb meegemaakt? Heb ik serieus net in het ziekenhuis, waar ik een paar weken geleden beviel van mijn kerngezonde dochter, afscheid genomen van mijn zusje?
Dat was toch het nieuwe ziekenhuis waar ik nog helemaal geen herinneringen had liggen?
En nu ineens is daar mijn jongste dochter geboren en tevens mijn jongste zusje gestorven.
 
Vanaf die dag in Oktober is mijn hoofd één grote warboel en weet ik echt niet meer wie ik zelf ben. Het heeft me kapot gemaakt en mijn laatste stukje vertrouwen in het leven totaal de grond in geboord.
 
En soms gaat het een dag goed, maar vaak ook niet.
 
Ik ben en blijf Debbie, en als ik ergens van geniet dan doe ik dat ook.
Want zodra ik hier deze deur uit stap geniet ik.
Ik vind het heerlijk om niet thuis te zijn.
Want alhoewel ik van ons huis houd is dit wel de plek waar al mijn angstaanvallen ontstaan.
En die haat ik, die aanvallen.
 
Dus dan maar de deur uit. Maarja ik kan natuurlijk ook niet altijd weg zijn, en dat wil ik ook niet. Ik moet en zal een manier moeten vinden om hier vanaf te komen.
 
Echter toen ik vanochtend weer in een paniekaanval terecht kwam begon ik bijna de hoop op te geven. Ik twijfelde aan mezelf en wist gewoon even niet meer wie ik zelf was.
Ben ik nou die nuchtere relativerende Debbie of ben ik ineens zo een aandachtshoertje geworden. (excuses voor mijn taalgebruik)
En toen kwam dus de post van Elsemiek daar. Een heel simpel plaatje.
Twee mannen die naar een dressoir kijken met daarop een tekst bestaande uit houten letters.
Je kent ze wel, “Home”, of “Love” etc, etc.
Alleen stond hier het woord “KUT” en zei de ene man tegen de andere man dat de andere teksten waren uitverkocht.
En ik moest lachen. Hard lachen zelfs. Want inderdaad. Flikker op met je teksten, bij mij op het dressoir hoort gewoon een rauwe harde “KUT” of zoals mijn website “KUTMAARKRACHTIG”. Want daar geloof ik nog steeds in. Het leven is KUT, maar KRACHTIG!
 
Wanneer ben ik dat kwijt geraakt? Wanneer is die Debbie ermee gestopt en laat ze zich zo beïnvloeden door zoiets natuurlijks als de dood.
We gaan allemaal dood. En hoe dat weten we allemaal niet. Zelfs niet als je kanker hebt.
Het enige wat we kunnen doen is ons voorbereiden op de dood. Wanneer deze ook zal zijn. En met voorbereiden bedoel ik ervoor zorgen dat je nabestaande behalve verdriet zo min mogelijk last hebben van jouw dood.
Dus get your shit together en regel het.
 
En voor mij persoonlijk hoop ik gewoon echt dat mocht mij onverhoopt iets overkomen dat het vangnet voor Franke enorm groot zal zijn. Dat dat niet blijft bij een maandje hulp maar gewoon echt voor altijd.
 
Maarja…ondanks dat ik nou weet wie ik weer wil zijn is het wel even een klap in het gezicht allemaal. Want waar begin ik nou?
 
Nou ik ben begonnen met een afspraak met mijn huisarts.
Na de kerst kan ik bij hem terecht (eerder wil ik niet en kan het ook niet.) en ga ik de eerste stappen ondernemen. En voor mij zijn die stappen erkennen dat het echt niet goed gaat met me en dat ik hulp wil. En dat ik open sta voor medicatie. En dat laatste is echt een dingetje voor me.
Want ik drink liever wijn weg dan dat ik medicatie slik.
Maar mijn doel voor 2017 is dat ik de wereld aan kan. Maar dan met medicatie en niet met wijn. En uiteindelijk zonder medicatie maar gewoon weer als Debbie. Zoals ik was. Zoals ik weer wil worden.

Het laatste stukje

(Dit stukje schreef ik al eerder op de facebookpagina van mijn weblog. Het kan dus zijn dat je het al gelezen hebt.)

 
De tijd vliegt. In alles. Het jaar is voorbij gevlogen. De seizoenen. Onze kinderen die groeien. Data van heftige gebeurtenissen. Alles lijkt aan ons voorbij te vliegen.
 
Ik zeg eerlijk, toen ik deze blog ging schrijven moest ik eerst even de juiste data checken. Ik was er namelijk heilig van overtuigd dat mijn zusje in november was overleden. Oktober? Zo snel kon de tijd toch niet gegaan zijn? Maar dat was wel zo.
 
Al 7,5 week is zij niet meer in leven. Al 7,5 week moeten haar man, kinderen en geliefde het zonder haar doen. Al 7,5 week kan ik het nog steeds niet bevatten dat mijn zusje niet meer in leven is.
 
En het maakt niet uit of wij nou wel of niet de deur bij elkaar plat liepen. Ze is er niet meer. En die realiteit stoot me iedere keer weer onderuit. En ik zeg eerlijk. Ik ben er kapot van.
 
En dan is er morgen. 16 December.
 
Dan is de dag dat we Sabine haar as in haar soort van grafje gaan plaatsen.
 
Onze biologische vader is gecremeerd. Zijn urn staat in de urnenmuur. We noemen het gekscherend weleens zijn flat 🙊. Zijn eigenste flatje op de bovenste verdieping.
 
Mijn zusje komt tegenover hem. Maar dan in de grond. Ze zouden elkaar bij wijze van spreken kunnen zien. Echt heel bijzonder.
 
Maar ook bijzonder kut 😢😔.
 
Ik ben al dagen van slag. Al dagen een baksteen op mijn maag. Al dagen duizelt mijn hoofd als nooit tevoren. Ik zie er zo tegenop. Het voelt alsof er wederom een begrafenis plaats vind. Weer afscheid. Het ligt allemaal weer zo open.
 
Door het overlijden van Sabine zijn al mijn angsten zo aangewakkerd. De dood speelt zo een enorme negatieve rol in mijn leven. Ik probeerde juist alles een plekje te geven en nu voelt alles weer zo open, zo rauw.
 
Maar morgen ga ik met lood in mijn schoenen naar de Utrechtseweg. Maar ook vol dankbaarheid. Dankbaar dat ik welkom ben. Dankbaar dat ik dit mag doen met mensen van wie ik houd.
 
Maar lieve hemel. Ook met zoveel verdriet. En frustratie.
 
Want dit had helemaal nog niet zo mogen zijn. In mijn hoofd blijft dit een bizarre onwerkelijkheid.
 
Een onwerkelijkheid die mij iedere dag weer met beide benen op de grond zet. Niet altijd positief, want mijn mentale staat laat wat te wensen over. De confrontatie is erg groot.
 
Te groot.
2

Even niets, gewoon even niets.

Als ik me ergens klote om voel is het om het feit dat het gaat zoals het gaat.
Dat het met mij gaat zoals het nu gaat.
I’ve had my shares of downs, maar zoals nu, dit gevoel, dat ken en herken ik niet.
Was het maar iets wat ik al eerder had meegemaakt, dan wist ik ook dat ik er wel weer uit zou komen.
Maar dit is nieuw voor me en het gevoel van wanhoop wat het soms met zich mee brengt ook.
Ik probeer nu al een paar dagen voor mezelf te verzinnen wat ik zou willen, wat er zou moeten gebeuren om me mezelf beter te voelen.
Een soort van plan de campagne zeg maar om alles weer op de rit te krijgen. Ik wil mijn vinger op de zere plek kunnen leggen. En soms lukt me dat deels maar de dag erna kan ik maar zo het spoor weer bijster zijn.
Laatst zei iemand tegen me, “Maar waarom doe je dan net altijd alsof er niets aan de hand is?” en toen dacht ik, doe ik dat dan?
Eigenlijk doe ik me nooit anders voor dan dat ik ben. Ik dacht wel dat ik dat deed maar eigenlijk kan ik dat gewoon niet.
Want als ik aan het lachen ben met iemand, of het leuk en gezellig heb, dan is dat ook gewoon zo.
Ik kan me daarna ook echt wel weer klote voelen, of doodmoe, maar de emoties van daarvoor waren gewoon oprecht.
Vaak als we de deur uit zijn dan heb ik het ook echt naar mijn zin en voel ik even geen kopzorgen.
Daarom ga ik de laatste tijd ook vaker mee naar de revalidatiegroep van Vido.
We zitten daar achter observatieglas in een ruimte waar onder andere hulpmiddelen staan maar ook krukken zodat er achter het raam geobserveerd kan worden. Samen met nog wat andere ouders met wie een hele leuke klik is ontstaan.
Ik vind het fijn daar te zijn. De erkenning die je krijgt van andere ouders die semi in hetzelfde schuitje zitten, maar ook de herkenning.
Maar veelal is het naast even je hart luchten of je zorgen uiten gewoon heel erg gezellig. Ik geniet ervan.
En ja, als we thuis komen dan ben ik tamelijk gebroken. Want sociaal zijn doet dat sowieso met mij, maar ook gewoon omdat ik even de andere energie heb mogen voelen.

Deze week was ik helemaal alleen thuis en had Franke zowel Vido als Djix mee naar de groep. Ik voelde me echt niet lekker en trok even niets of niemand om me heen. En alhoewel Franke dan wilt dat ik rustig aan doe moet ik eerst altijd even de boel doen alvorens ik rustig op de bank kan gaan liggen met een dekentje.
De stilte was heerlijk maar ook confronterend. Want dit was wel waar ik soms zo enorm veel behoefte aan heb. Gewoon even niets.
Een boek lezen zonder iets voor iemand anders te hoeven doen. Muziek draaien zonder dat het me tureluur maakt.
Mijn haar niet doen, geen make-up op, in mijn pyjama, helemaal niets.
En dat gevoel geeft me ook weer een schuldgevoel. Ik kan prima relativeren en weet echt wel dat wel meer mensen dat gevoel hebben en dat het heel normaal is. Maar voor mij is het niet normaal omdat ik er eigenlijk nooit echt behoefte aan heb gehad.
Maarja, nu is die behoefte er wel. Omdat mijn hoofd te vol zit. Omdat mijn hart te verscheurd is door alle verliezen. Omdat mijn lijf me te zeer doet en mijn hoofd teveel duizelt.
Maar dit soort stiltes creëren kan niet zomaar bij ons. Ons vangnet is klein, nihil zelfs. Maar wij zijn ook te gecompliceerd om het vangnet groter te maken, maar vooral om die hulpvraag uit te gooien.
Ik moet er niet aan denken dat ik een “vreemde” over de vloer krijg om mij te helpen bij mijn gezin.
Want we redden het prima zo, we hebben een goede taakverdeling en krijgen ze allemaal schoon en gewassen op school, stage en/of werk.
Dat is het probleem niet. En als er iemand zou komen om ons daarbij te helpen of wellicht het huishouden dan zouden we ons alleen maar ongemakkelijk voelen en dat veel meer energie van ons vergen dan het op zou leveren.
Nee die regie houden we liever zelf in handen.

Het is meer dat alles wat anders moet gaan indelen zodat mijn energieverbruik beter wordt verdeeld.
Ik voel me nou net een batterij die nooit toekomt aan het moment om volledig opgeladen te worden.
Steeds voordat die 100% behaald wordt gaat de stroomtoevoer eraf zeg maar.
En dat sloopt me. Want op de bank in slaap vallen van vermoeidheid laad niet op, dat voelt zeg maar net als je telefoon wegleggen zonder hem in de oplader te doen. Dan loopt hij ook langzaam leeg.
Maar toch probeer ik het iedere avond weer. Op de bank zitten en even wat voor mezelf doen.
Dat kan zijn tv kijken, wat bij Franke liggen en wat social media doorlezen, of schrijven.
Maar de laatste tijd zie ik Franke, ik zie de tv en daarna de binnenkant van mijn ogen.

Vooral het constante gepieker houd me wakker, mijn angsten en vooral de strijd met mezelf dat ik geen zeikerd wil zijn.
Net als deze blog, eigenlijk wil ik hem niet schrijven maar ik doe het toch. Ik doe het omdat het uit mijn systeem moet.
En posten zonder openbaar te publiceren lucht voor mij niet op. Zo had ik ook jaren een dagboek en uiteindelijk dacht ik, weg ermee.
Wat heb ik er aan als ik mijn diepste gevoelens op schrijf en er is nog geen hond die me begrijpt.
Want dat is toch wel iets waar ik altijd naar op zoek ben. Mensen die me begrijpen. Mensen die dingen herkennen.
Maar tegelijkertijd wil ik ook geen zeikerd gevonden worden en dat gaat moeilijk als je toch over zeikonderwerpen schrijft zoals overspannen zijn.

Wat een kut woord eigenlijk, overspannen. Het woord “over” is al teveel en het woord “spannen” maakt de hele boel zo uptight.
Eigenlijk precies wat het is. Ik ben een uptight, gespannen, oud wijf geworden dat de laatste tijd meer zeikt dan leuk is.
En ik ben veel te veel en te vaak boos en voel me onbegrepen, en heb soms het gevoel dat er aan alle kanten aan me getrokken wordt.
En dan ben ik uiteindelijk nog maar op 1 persoon heel erg kwaad en dat is mezelf. Maar omdat ik niet zo goed weet hoe ik boos moet zijn op mezelf word ik het dan maar op Franke of Noah en soms ook Micah. Soms terecht, maar vaak ook onterecht. Dus in plaats van overspannen moet ik ontspannen. Maar hoe deed ik dat ook alweer?

Naar het kerkhof gaan en daar zitten, dat ontspant me. Niemand om me heen hebben en lezen of muziek luisteren.
Vooral dingen doen die geen inspanning vereisen of nauwelijks. Net als wandelen bijvoorbeeld. Heel leuk hoor, maar dan wel in een prachtige omgeving met om de 100 meter een bankje ofzo zodat je kan zitten en kan genieten van de mooie omgeving.
Wandelend doe ik dat niet zo goed namelijk. Van wandelen word ik moe, en dat wil ik nou juist niet meer zijn, moe.

Ik heb nagedacht of ik medicijnen wil. Een vraag die zeker gaat komen als ik bij mijn huisarts ben. En nee dat wil ik niet.
Eigenlijk wil ik in Januari 2017 (is een psychisch iets zo een schoon, nieuw jaar.) een hoop dingen gaan aanpakken aan mezelf.
Minder wijn drinken (alweer, ja alweer…zoiets sluipt er toch altijd weer in bij me), gezonder eten (alhoewel ik zo ongezond niet eet maar ik wil vooral meer ritme), ik wil beter voor mezelf zorgen en daarmee bedoel ik ook dat ik regelmatiger naar de kapper wil gaan, vaker nieuwe kleding voor mezelf wil kopen of schoenen, soms eens iets leuks doen zoals naar de bioscoop met mijn oudste dochter of zoon (Franke houd er niet van.). En eigenlijk hoop ik dat Franke en ik elkaar de ruimte en vrijheid kunnen geven om ons los van elkaar te vermaken.
We zijn altijd samen, en als we niet samen zijn missen we elkaar. Echt niet gelogen. Maar ik kan het soms ook heel erg leuk hebben zonder Franke, maar me dan super schuldig voelen dat ik het zo leuk heb als hij bijvoorbeeld smst dat hij me zo mist.
Dan is mijn hele mood gelijk verziekt. Maar die oplaadmomentjes heb ik wel nodig ben ik achter.

Ik wil me gewoon weer meer Debbie gaan voelen. Mezelf weer een beetje terug vinden zonder me daar schuldig over te voelen.
Want het feit dat ik de vrouw ben van, en de moeder ben van, dat hoeft toch niet te betekenen dat ik ook hun bezit ben?
Ik gun hun toch ook allemaal hun eigen stukje vrijheid en ontwikkeling.

En eigenlijk moet dat mijn eerste echte doel worden. Mezelf terug vinden.
Dus morgen wil ik mezelf eigenlijk de taak geven om naar de kapper te gaan. Want ik voel me nou een enorme sloeber met dit lange haar wat niet in model zit en waar de grijze lokken on charmant doorheen komen.

Dus stap 1: kapper!
Het is een begin.

1

Overspannen? Burn-out? 

Inmiddels is het bijna twee weken geleden dat mijn duizeligheid begon. En een week geleden dat ik hiervoor bij de huisarts zat. Geen lichamelijke reden gevonden die de duizeligheid kon verklaren. Vraag van de vervangend huisarts was: “Heb je veel stress gehad? Of een heftige tijd achter de rug?” 

Ik reageerde eerst nog wat lacherig. Duizelig door stress. Ppff. Wat een onzin. Maar toen ik huilend op straat liep omdat ik voor mijn gevoel nu nog steeds niet wist wat er met me aan de hand was begon ik toch te twijfelen.

Sindsdien laat het mij niet los. Ik probeer alles op een rij te zetten en begin mij steeds meer te beseffen dat het weleens zo zou kunnen zijn. En met dat ik dat gevoel toe laat word ik boos en gaat deze logica tegen al mijn gevoel in. Overspannen? Burn-out? Nee man, dat gezeik lees ik altijd maar bij anderen en is voor mij een ver van mijn bed show. 

Ik ben Debbie, ik kan alles aan. Zolang ik af en toe even lekker mijn hart kan luchten op social media en wat kan miepen dan is het weer in orde. Vervolgens ga ik door, sta ik ’s ochtends, of eigenlijk ’s nachts, weer op en ga ik weer door. Ik hang wassen op, verschoon bedden, vouw was op, stofzuig, rol zo nu en dan een kattenbak, maak brood voor de kinderen, lunchpakketjes, etc etc etc.

En dat vind ik niet erg. Dat is mijn werk. Waar een ander de deur uit gaat om te werken voor een baas doe ik dit thuis voor mijn man en kinderen. Daar waar ik het kan. Het reguliere werk circuit is al heel lang niet meer voor mij weggelegd door mijn fysieke en mentale gesteldheid. 

Maar nu ineens breekt het me op. Als Djix midden in de nacht de fles wilt dan strompel ik de trappen op en af. Lig ik grfrusteerd in bed omdat er zoveel door mijn hoofd spookt. Ik wil zoveel en het frustreert me enorm dat iedere vorm van energie mij ontbreekt. Ik wil vooral veel opruimen en mijn huis overzichtelijk houden. Ik wil dat de kinderen er geen last van ondervinden dat ik mij minder voel dus er ook constant voor hun zijn. Ondertussen gaat onze strijd cq zoektocht naar een passende woning door. Maar hebben we ook een gezin dat gewoon door draait. 

Micah die ineens met verrekte kniebanden loopt en naar school gebracht moet worden. Noah die even een mindere periode heeft en achter haar vodden gezeten moet worden. Pipp en het “praten op school” probleem. En de zorgen om Vido zijn gezondheid. 

Ik heb het gevoel dat ik armen en voeten tekort kom op dit moment. Dat ik overal tekort schiet en soms echt niet meer weet hoe ik alles moet oplossen. Ik wil zoveel maar kan zo weinig. En dat ken ik niet van mezelf.

Ik ben een doorzetter. Een knokker. Heb eindeloze energie hoe moe ik ook ben. Dat ik vandaag na een ochtend  ziekenhuis al de hele dag met een dekbed op de bank hang hoort helemaal niet bij mij. Maar ik kon vandaag even niet anders. Ik ben te duizelig en futloos. En ben constant met mezelf aan het strijden. En tot vandaag heb ik ook nog steeds kunnen doen wat ik wilde, maar ik merk ook dat er steeds meer bij Franke terecht komt. Vandaag bijvoorbeeld heeft hij de benen onder zijn lijf vandaan gelopen en ben ik ernstig tekort geschoten. Ik kan daar niet tegen. 

Ons vangnet is te klein. Het komt allemaal op ons neer. Geen verwijt naar anderen maar realiteit. En soms is dat erg confronterend, vooral als je zelf niet lekker in je vel zit.

Ik begin mij steeds meer te realiseren dat mijn lichamelijke klachten heel goed te maken zouden kunnen hebben met mijn mentale klachten. 

Zoals een vriendin reageerde, “maar je hebt niet nogal wat voor je kiezen gehad Deb.”

En dat is ook zo. Maar ik vind mezelf zo een loser als ik die gebeurtenissen gebruik als excuus voor mijn huidige situatie. Maar toen ik vandaag vol zenuwen en een draaiende maag het Meander in liep, vanwege mijn laatste bezoek aldaar. Toen wist ik eigenlijk wel genoeg. 

Ik heb een hoop te verwerken. Echt een hoop. En ik heb mijn tijd daar voor nodig. En daarom ga ik volgende week weer naar de huisarts. Om te zeggen dat het niet goed met me gaat. En de laatste keer dat ik dat deed kan ik mij niet eens meer heugen. Maar alles voor een goed herstel. 

En ondertussen doe ik wat ik kan en wat ik wil. Zal ik grenzen overschrijden en koppig zijn. Zullen er mensen zijn die niets aan mij merken. Zo ben ik gewoon. 

1

De naweeën. 

Ik heb op dit moment heel veel last van duizelingen. Al drie dagen vullen mijn dagen zich met een duizelend hoofd en misselijkheid. Natuurlijk heb ik Google erop geraadpleegd en al diverse eventuele  oorzaken gevonden. Maar wat ik vooral las was dat je pas na een aantal weken naar de huisarts moet gaan. 

Wtf??? 😱

Dat ga ik echt niet redden. Mijn hoofd duizelt en steeds als ik het voel begint mijn hart sneller te kloppen, word ik misselijk en gaat mijn ademhaling richting hyperventilatie. 

Het maakt me bang. Niet gewoon bang. Intens bang. Mijn familie historie maakt het er namelijk niet mooier op. Vanuit mijn moeders kant volop herseninfarcten, hersenbloedingen, etc. 

En ik heb het zo van dichtbij meegemaakt. Ik ging altijd met mijn moeder mee naar mijn oma die in een verpleeghuis zat vanwege haar hersenletsel. En ik herinner mij de periodes dat ze nog bij ons thuis kwam als de dag van gisteren. De geur van haar urine doorweekte ondergoed en kleding die mijn moeder moest wassen. De grote blauwe luiers die in onze kelder lagen. Haar natte rolstoel als ze op een stoel getild werd. En haar “gemiep” als ze weer eens moest huilen om daadwerkelijk niets. 

Mijn ergste nachtmerrie werd werkelijkheid toen ik het telefoontje kreeg van mijn zus die vertelde dat ze mijn moeder in het toilet had aangetroffen in haar eigen urine. Half verlamd. Haar eerste herseninfarct.

Ik was net bevallen van Micah. En Noah zou met mijn oudste zus naar het grote sinterklaasfeest in Utrecht gaan.

Ik moest nog douchen en deed dit snel alvorens naar het ziekenhuis te gaan waar mijn moeder naar onderweg was. Ik heb gehuild. Gebruld. Gegild. Ik was zo vreselijk bang. Mijn moeder was nog veel te jong voor deze shizzle. 55! Kom op man. 

Maar goed, het bleek wel werkelijkheid en daar moesten we het mee doen. 

Gelukkig herstelde ze snel en goed maar was wel duidelijk dat er iets beschadigd was. Maar ik vond mijn moeder langzaam aan weer terug en dat was voor mij voldoende. 

Helaas zijn we nu in 2016 op het punt gekomen dat mijn moeder meerdere zware infarcten heeft gehad en daar (zwaar) hersenletsel aan over heeft gehouden. De vrouw die zij ooit was is zij allang niet meer.

Mijn beide vaders zijn overleden. Mijn biologische vader aan de gevolgen van leukemie en mijn (stief)vader vonden wij in 2013 dood aan in zijn woonkamer. Vermoedelijk een hartstilstand.

Met deze drie grote verliezen is mijn leven, of eigenlijk meer mijn vertrouwen in het leven er niet beter op geworden.  Want naast deze drie traumatische ervaringen zijn er ook nog andere dingen gebeurd waar ik veel angsten heb over gehouden. 

Recentelijk verloor ik mijn zusje aan kanker. Uitgezaaide borstkanker. Met kankercellen in haar hersenvlies die ervoor hebben gezorgd dat zij niet meer met ons is. Ik heb haar lichaam zien vechten als een wild dier. Vreselijk om zoiets te zien als je weet dat de strijd niet gewonnen gaat worden. Vreselijk om te zien wat er gebeurdt met iemand zodra de hersenen niet meer doen wat ze zouden moeten doen. 

Net op het punt dat ik weer iets vertrouwen in het leven kreeg gebeurde dit. 

En ik ben nu weer terug bij af. Of nog dieper eigenlijk. Ik heb geen vertrouwen meer in het leven. Niet omdat ik het niet wil. Maar ik heb teveel meegemaakt om er vertrouwen in te hebben.

Als mijn kinderen slapen kan ik niet denken “oh wat lief”.

Nee dan loop ik voorzichtig naar ze toe en controleer ik of ze nog ademen. Als Franke stil naast mij ligt ben ik bang dat hij dood is. En vice versa net zo.

Ik sliep vannacht in het stapelbed van de jongens omdat ik me zo beroerd voelde en bang was daardoor Djix wakker te maken. Franke moest haar de fles geven rond 5en en ik werd wakker omdat hij controleerde of ik nog ademde. En hij doet hetzelfde bij al onze kinderen. 

Toen ik maandag de slaapkamer van Micah in liep om wat te pakken en hij in diepe slaap met zijn mond open lag klopte mijn hart al in mijn keel. Toen hij bewoog nadat ik voorzichtig aan zijn arm trok kon ik pas weer normaal ademhalen. 

Als Vido te diep slaapt schud ik hen wakker uit angst dat er iets met zijn hersenen is.

De angst om te leven heeft op dit moment echt even de overhand. En vandaag dacht ik voor het eerst “moet ik niet weer eens psychische hulp zoeken?”

Want dit is eigenlijk geen doen. 

En op het moment dat ik me dat afvroeg begonnen mijn oudste kinderen over het overlijden van mijn vader. 

Vooral Noah weet zich ieder detail te herinneren. Van het parkeren van onze auto tot het wegrijden aan toe op de dag dat we mijn vader vonden.

En dat kwam binnen.

“Jullie legde een deken over opa heen.” zei ze. En plots kwamen alle herinneren weer terug. 

En zo wist ze nog veel meer bizarre details te herinneren. Terwijl ik dacht dat ik de enige was met een absurd geheugen als het om dit soort dingen gaat. Maar mijn oudste dochter blijkt net zo een freak. 

Omdat ik het niet wil ontwijken. Zeker voor Noah en Micah niet, ben ik het gesprek aan gegaan. Maar dat is zo confronterend 🙁. 

Niet alleen heb je te maken met twee kinderen die hun opa en oma enorm missen. Maar ook met twee kinderen die iets traumatisch hebben meegemaakt. 

Neus op de feiten.

Dus terwijl ik me hier zorgen maak over herseninfarcten, hersentumoren, of uitgezaaide kanker in de hersenen vraag ik mij af….

Is hier nog iets aan te doen? Of is dit gewoon het leven en moet ik ermee dealen? 

Dag lieve Sabine…rust zacht.

De deurbel gaat, mijn vader doet de deur open terwijl ik boven in mijn kamer ben.
“Deb, kom je even naar beneden. Er is iemand voor je.”
Ik had geen idee wie. Ik hoorde beneden een meisje maar ik herkende haar stem niet.
Ik liep naar beneden en op de bank zat een vrolijk meisje, een paar jaar jonger dan mij.
Ik was een jaar of 19 en zij een jaar of 15.
Ze zat vrolijk met mijn vader te praten en ze kende elkaar overduidelijk.
Ik had geen idee. Wat kwam ze voor mij doen dan?
Toen ze mij zag stond ze vrolijk op en gaf me een hand.
“Hoi, ik ben Sabine..ik ben je zusje.”

Verbaasd maar ook aangenaam verrast keek ik haar aan en ging er van alles door mijn hoofd.

Slechts een jaar of 2 eerder had ik te horen gekregen dat mijn vader niet mijn biologische vader was. Mijn biologische vader was iemand die ik al vanaf geboorte kende maar nooit als mijn vader. Maar als Emmo, vriend van mijn ouders.
Laten we het erop houden dat mijn ouders niet altijd even braaf zijn geweest en weleens een uitglijder hadden. Mijn moeder in ieder geval 1 keer en gelijk een goeie ook. Want ze raakte zwanger van mij.
Desondanks bleven mijn ouders toch bij elkaar en mijn vader accepteerde mij volledig als zijnde zijn eigen dochter en samen maakte ze de afspraak dat ik ook altijd in die waan bleef. Ik hoefde niet te weten dat Emmo mijn biologische vader was, dat zou teveel teweeg brengen.
Vreemde was echter wel dat bijna heel Amersfoort het wist…ook zijn andere kinderen…maar ik dus niet.
Maar goed..toen kwam de dag dat het mij wel verteld moest worden omdat mijn beste vriendin het te weten was gekomen en mijn moeder heel bang was dat ik het van haar zou horen.

Het was geen fijne tijd. Mijn vader was vreemd gegaan met de moeder van mijn beste vriendin en mijn moeder zat alleen en gebroken thuis.
Ik was erachter gekomen omdat mijn vader aan het klussen was bij de moeder van mijn vriendin en ik daar logeerde en hij ineens ook.
Bij het ontwaken en naar buiten kijken zag ik in de vroege ochtend zijn auto nog staan…dat zei genoeg.
Ik reed op mijn snorfietsje van Soest naar Amersfoort en bracht mijn moeder het nieuws.
Mijn vader had echter die nacht zijn hart uitgestort en tegen de moeder van mijn vriendin verteld dat ik niet zijn biologische dochter was.
Toen ik mijn moeder had verteld dat mijn vader daar had geslapen was het natuurlijk één groot drama.
Het wachten was op zijn thuiskomst. Ik zorgde ervoor dat ik niet thuis was want dit was iets wat ik niet wilde zien of horen.
Ik schrijf er nou heel nuchter over maar dat heeft ook zijn redenen. Maar laten we wel voorop stellen dat ik enorm veel houd van beide ouders ondanks de misstappen die zei in hun relatie hebben gemaakt.
Mijn vader vertelde aan mijn moeder dat hij zo stom was geweest om te vertellen over mijn biologische vader en dat hij bang was dat mijn vriendin het van haar moeder te horen zou krijgen en het aan mij zou vertellen.
Dat wilde ze voorkomen dus er moest gelijk actie ondernomen worden.
Dus daar zat mijn moeder naast me op mijn slaapkamervloer om mij te vertellen dat Emmo mijn biologische vader was en niet Ton.

Ik pakte het nieuws heel goed op, stond er niet eens van te kijken eigenlijk. Want hoeveel ik ook van mijn vader hield, ik had met Emmo echt een speciale band. Hij kwam bijna dagelijks op visite en hoe hij en ik met elkaar om gingen was uniek en bijzonder.
Maar toen mij verteld werd over mijn afkomst realiseerde ik mij ook dat zijn andere kinderen mijn broers en zusje waren.
En dat was het enige moeilijke aan dit verhaal eigenlijk.

Er werd mij altijd verteld dat mijn broers mij niet wilde leren kennen. Teveel zeer. En hoe ik ook mijn best deed om wel een deel te worden van zijn gezin het lukte niet. Emmo hield altijd de boot af. Bang voor wat het teweeg zou kunnen brengen. Ik was te vrij zei hij altijd.
Nieuwsgierig als ik was probeerde ik ze wel te ontmoeten. Er bestond nog geen internet en het enige dat je kon doen was naar de plekken gaan waar hun ook kwamen of door hun straat rijden. En dat deed ik vaak. Met de zenuwen in mijn buik reed ik vaak op mijn snorfietsje door hun straten heen om een glimp van ze op te vangen. De enige die ik kon bezoeken en waar ik schaamteloos naar kon staren was mijn overleden broer. Zijn graf wist ik te vinden en zijn foto stond er bovenop. Ik ging er vaak heen, gewoon omdat het bizar was om een foto te zien van iemand die zo overduidelijk familie van mij was maar die ik nooit hebt mogen leren kennen. Nog steeds als ik de foto op zijn graf zie verbaasd het me.

Ik luisterde naar de verhalen die Emmo vertelde over zijn kinderen. Als hij met zijn zoon naar de automarkt was geweest, of als zijn andere zoon weer eens wat had uitgevreten en als zijn dochter iets had gedaan waar hij trots op was. Het klonk altijd zo vertrouwd en gezellig en het deed mij echt pijn dat ik er geen deel uit van mocht maken. Ondanks dat ik zelf echt uit een bijzonder fijn gezin kwam.
Ik durfde echter nooit de stap te nemen om zelf naar hun toe te gaan. Ik had altijd het idee dat mijn zusje helemaal niet van mijn bestaan wist en hij daarom de boot zo afhield.
Maar toen kwam er de tijd dat Emmo ging verhuizen, en dat mijn vader hem ging helpen met klussen en verbouwen.
En dat was apart. Mijn vader die daar dagelijks in huis kwam en dus ook mijn zusje zag.
Mijn broers zijn een stuk ouder en hebben ook een andere moeder en hadden hun eigen gezinnen al.
Mijn zusje woonde nog thuis. Samen met de zoon van mijn overleden broer. Die was door Emmo, mijn biologische vader onder zijn vleugels genomen.
Mijn vader kwam weleens thuis en vertelde dan hoe nieuwsgierig Sabine naar mij was en dat ze dus wel van mijn bestaan wist.
En ik vroeg hem de hemd van het lijf over haar. Ondanks dat het voor mijn vader misschien een constante confrontatie was met iets pijnlijks vertelde hij me wel van alles en zei hij zelfs “Waarom ga je er niet eens langs. Lak aan Emmo…gewoon doen.”
Maar ik durfde niet.
Zij wel.

Dus daar zat ze op de bank. Blonde lange haren. In haar oren grote gouden oorringen en om haar nek een gouden ketting met haar naam.
Mooie mond vol rechte witte tanden en slank….ze was slank…. En ik jaloers.
Haar enthousiasme en brutaliteit overblufte mij. Ondanks dat ze jonger was nam zij wel het voortouw.
Ze bleef de hele avond zitten en vroeg me de hemd van het lijf en vertelde van alles over zichzelf en over het gezin waar ze uit kwam.
Ik hing aan haar lippen.
Aan het eind van de avond zei ze “Zullen we anders in het weekend eens gaan stappen?” .
Dat was destijds heel normaal als je 15, bijna 16 was.
“Als ik tegen Papa zeg dat jij met me mee gaat vind hij het vast goed. Hij wilt altijd dat er iemand mee gaat die 18+ is.”
Ik moest een beetje lachen dat ze “Papa” zei. Alsof het onze Papa was.

“Weet je, kom anders gewoon Zaterdag rond een uur of 9 naar ons toe op je snorfiets, en dan ga ik bij je achterop en gaan we naar de stad.”

Voor ik het wist had ik dus ineens een afspraak met mijn zusje in het weekend en zou ik dus ook eindelijk na 2 jaar een voet binnen zetten in het huis, in het thuis van Emmo.

Die Zaterdag deed ik mijn haar, trok ik mijn stapkleding aan en reed ik naar de Spreeuwenstraat. Nerveus en vol van spanning. En ik was niet de enige die zo gespannen was. Ik belde aan en Sabine deed vrolijk de deur open.
“Hoiiiii, kom binnen!” zei ze enthousiast.
“Wel even je schoenen uitdoen he, want dat doen we hier. Net als in de wagen.”
Want Emmo komt oorspronkelijk van het kamp en heeft daar altijd gewoond met zijn destijds vrouw en zijn zonen.
Maar toen hij met Paula, de moeder van Sabine, samen ging wonen was dat op een flat en later in een huis.

Ik kwam de woonkamer binnen en op de bank zag ik Emmo zitten. Leesbrilletje op, schoenen uit, koffie voor hem en in zijn hand de televisiegids.
Hij gluurde over de rand van zijn bril heen en was overduidelijk zenuwachtig.
Ik zag hoe Sabine iedere interactie tussen mij en Emmo in zich op slurpte. Ze hield alles in de gaten en was verbaasd over hoe vertrouwd hij en ik waren. Maar ze vond het vooral apart dat wij zo vrij met elkaar om gingen en wat ik allemaal tegen hem kon zeggen. Voor haar was hij een hele lieve maar wel strenge en beschermende vader.
Achteraf gezien denk ik ook dat de band tussen mij en Emmo ervoor gezorgd heeft dat zij en ik op het punt van vandaag zijn gekomen.

We gingen die avond stappen en vol trots werd ik aan iedereen voorgesteld als “grote zus” en stonden we ervan te kijken hoeveel dezelfde mensen we eigenlijk konden. En vooral hoeveel van die mensen allang wisten dat we zussen waren. En wij dus jarenlang niet.

Het was wel stoer om een zusje te hebben en niet meer de jongste te zijn. Maar dat was niet van lange duur hoor.
Mijn zusje was nogal bazig, of overheersend, het is maar hoe je het bekijkt. In haar enthousiasme belde ze me heel erg veel maar verlangde ze ook wel hetzelfde terug. Ik weet nog dat ze een keer heel boos belde. “Je hebt me de hele week niet gebeld. Dat kan toch niet. Dat slaat nergens op. Je bent mijn zus.”.
En daar zat ik met mijn bek vol tanden. Ik had een heel ander leven, ik was heel anders dan zij was en had ook de behoefte niet om elkaar zo vaak te zien. Als mensen mij onzeker maken omdat ze zelf heel erg zelfverzekerd en daardoor overheersend zijn dan neem ik afstand. Dat deed ik ook bij haar. Tevens vond ik het vervelend dat ze erg onzeker was over de verschillende banden die wij hadden met Emmo. Ze vergat dat het haar vader was en slechts mijn verwekker en daarnaast enorm goede vriend. Want dat was hij. Niet alleen vriend van mijn ouders maar ook mijn vriend. Een hele bijzondere.
Wat hij en ik hadden wilde zij ook wel of ze wilde mij in ieder geval heel duidelijk maken dat hij HAAR vader was en niet de mijne. Dat vond ik jammer.

Toen ik haar over de telefoon vertelde dat ik gewoon niet zo van het bellen en afspreken was begon de afstand.
Ze probeerde het nog wel maar ik nam enkel meer afstand. Ik kon niet uit het niets jarenlang inhalen en doen alsof we de beste vriendinnen en zussen waren. Want dat was niet zo.
Ik was een paardenmeisje en daar erg druk mee. Ik had mijn vriendinnen maar vond het vooral heel fijn om gewoon thuis te zijn.
Stappen was leuk maar zeker niet ieder weekend. Tevens was ik door mijn overgewicht erg onzeker en lang niet zo uitbundig als zij was.
Ze maakte mij onzeker.

Heel soms hadden we contact. Belde ze even hoe het ging, of belde ik. Vertelde ze dat ze een vriendje had. Of dat ze eindelijk brommer mocht rijden.
En toen kwam er internet. Via ICQ kregen we beter contact. Ze vertelde over haar vriendje die boven de boni in Hoogland woonde. Dat ze samen ging wonen. Ze stuurde foto’s. En zo via internet was het voor mij een stuk beter te doen, maar ik hield wel mijn afstand.
Toen ze beviel van haar eerste zoon hadden we geen contact, ik ben dan ook niet op kraamvisite geweest.
Echter van haar tweede zoon, bijna 9 jaar geleden belde ze mij wel om te laten weten dat hij geboren was.
Ik ging op mijn snorfiets naar haar toe om haar kersverse zoon te bewonderen.
Ze vertelde mij dat haar broers net geweest waren en ik baalde. Want ik had ze zo graag willen ontmoeten.

Ik kwam nog wel eens bij haar op het kamp. Als ze weer eens computer problemen had en er niets van snapte en ik echt in een deuk lag en haar problemen oploste.
Ze liet me de slaapkamers van haar jongens zien. Alle auto’s die haar oudste zoon in keurige rijtjes had opgesteld.
En de babykamer van haar jongste <3 .
Daarna hadden we weinig contact en dat was prima.

Tot onze vader kwam te overlijden.
Ik kan het proces ervoor tot in detail beschrijven maar doe het niet. Hoe het ging tussen haar en mij.
Veel telefoongesprekken. Veel overheersing. Veel onzekerheid van mijn kant. Veel ongemakkelijke situaties.
Maar toen die avond waar we allemaal niet omheen konden. De avond dat alle kinderen samen kwamen.
En of Emmo het wilde of niet…we zaten allemaal in die familiekamer.

Maar voor mijn gevoel was het tot zijn eind altijd een soort van strijd tot zijn eind.
Alsof ze wilde bewijzen dat zij meer dochter was dan ik ooit was of ooit zou zijn.
Zonde eigenlijk, gewoon zonde.

Ik heb haar weleens geprobeerd uit te leggen hoe het werkte met mijn gevoel. Dat ze zich niet onzeker hoefde te voelen. Maar dan kwam enkel de reactie dat ze dat helemaal niet was.

Vorig jaar was de verjaardag van mijn oudste broer. Ik zag haar voor het eerst sinds tijden weer. Ik wist van haar kanker en vond het vreselijk en had haar dit ook laten weten.
Zij zag mijn kleine kindjes voor het eerst, Pipp en Vido. En voornamelijk Vido deed haar veel. Ze hield hem vast en knuffelde hem en liep met hem rond alsof het allemaal maar normaal was.
Ik was zo blij dat het ijs was gebroken en we in ieder geval normaal met elkaar kon praten.
We spraken over haar ziekte maar eigenlijk meer over Vido. Want haar ziekte wilde ze het niet over hebben. Het liefst ontweek ze alles wat over haarzelf ging.

“Kom je een keer bij me langs in de wagen?” vroeg ze voor we gingen.
En ik antwoorden “Ja is goed, ik beloof je…ik kom binnenkort langs.”

Die belofte ben ik nooit nagekomen. Teveel bezig met mezelf en teveel angst dat ik mij teveel aan haar zou binden en weer afscheid zou moeten nemen.
Want eerlijk is eerlijk, zo dapper en positief als zij in haar strijd met kanker stond zo pessimistisch ben ik als het gaat om kanker.

En wat doet het mij vreselijk veel pijn dat ik gelijk heb gekregen.

Dinsdag 25 Oktober stond ik aan haar sterfbed. Heb ik de eer gehad even alleen met haar te zijn en te zeggen wat ik altijd al wilde zeggen. Namelijk dat ik van haar houd en trots op haar ben.
Dinsdag 25 Oktober is mijn zusje na een echt enorme strijd overleden.
Ik was erbij. En daar ben ik dankbaar voor. Maar mijn lieve hemel……wat doet dit pijn.